Door: Robin Punt
Als het spel even stilvalt
Op de Amsterdamse velden hoor je in het weekend meestal dezelfde geluiden: het gestommel van kicksen, het bekende geouwehoer tijdens de warming-up, trainers die al jaren zeggen dat ze rustiger aan gaan doen, maar dat nooit écht lukt. Maar afgelopen week voelde het anders. Serieuzer. Zwaarder.
Niet vanwege het spel, maar door wat ernaast gebeurde. Het plotselinge overlijden van Brayden, jeugdspeler van HBOK JO11-2, na een verkeersongeval. Het onverwachte verlies van Tonnie Bras, trainer van FC Abcoude, door een hartstilstand. Twee klappen voor het amateurvoetbal, twee lege plekken in een gemeenschap waar iedereen elkaar toch altijd wel kent. Zulke gebeurtenissen blijven langer hangen dan welke uitslag of blessuretijdgoal dan ook.
Tegelijk kwam er nieuw onderzoek naar buiten waar je stil van wordt: teamgenoten, trainers én scheidsrechters herkennen de signalen van een acute hartstilstand op het veld vaak niet. Terwijl de signalen er wel degelijk zijn. En snel ook.
Hoe herken je zoiets dan?
Een speler die „nog ademt” kan in werkelijkheid gaspen: korte, trekkende bewegingen die niets met echte ademhaling te maken hebben. De ogen zijn meestal niet gesloten; vaak staart iemand met een lege blik voor zich uit, of rollen de ogen weg. Soms zie je het zelfs al even daarvoor: iemand die tijdens een actie ineens vertraagt, onzeker gaat lopen, losraakt van het spel en dan in elkaar zakt – zonder contact, zonder duel. Anderen vallen na een sprint of schot letterlijk voorover, meteen.
Dat zijn geen beelden waar je graag aan denkt, maar het zijn wél signalen die we móeten kennen. Spelers, trainers, scheidsrechters… iedereen die wekelijks op dat veld staat. Want als het gebeurt, wat doe je dan? Niet twijfelen. Niet hopen dat iemand „zo wel bijkomt”. Je belt 112. Je haalt de AED. Je begint met reanimeren. Minuten zijn beslissend, seconden tellen.
Het is belangrijk om dat te beseffen. Je hoopt het nooit mee te maken, maar weten wat je moet doen kan het verschil betekenen tussen leven en dood. Voor ons als arbitrage geldt dat net zo goed: ons werk draait niet alleen om regels en kaarten, maar soms simpelweg om zien wanneer iets écht misgaat.
En uiteindelijk laat deze week één ding duidelijker dan ooit zien: hoe mooi voetbal ook is, er zijn belangrijkere dingen. Gezondheid. Elkaar in de gaten houden. Bewustzijn. Dus als het spel even stilvalt — door een blessure, een duel of gewoon omdat de bal de sloot in gaat — kijk dan eens om je heen. Naar je team. Naar je tegenstanders. Naar de scheidsrechter. Naar de mensen die dit spelletje samen met jou mogelijk maken.
Voetbal verbindt. Maar oplettendheid redt levens. En misschien is dat wel de belangrijkste winst die we als Amsterdamse voetbalgemeenschap kunnen pakken.
Robin Punt schrijft regelmatig een column voor Het Amsterdamsche Voetbal. Punt fluit al ruim 20 jaar wedstrijden in het amateurvoetbal. Voor het tweede seizoen een landelijk veelgelezen Column op het Amsterdamsche Voetbal: ‘door de ogen van de scheids’, wat hij meemaakt, voor, tijdens of na wedstrijden of gewoon zomaar wat hem bezighoudt. Punt is naast scheidsrechter ook begeleider/ coach ontwikkeltraject-scheidsrechter én Vriend van het Amsterdamsche Voetbal met zijn bedrijf Intertime Klokken.
Het Amsterdamsche Voetbal Doelgericht