Klopper schreeuwt het uit. Foto: Tom Poederbach.

COLUMN | De wondersloffen van Milan

Je zag hem al voordat je de bal zag

Door: Peter Brink

Ik zag donderdagavond aan de Boelelaan Milan lopen met fluorescerend gele voetbalschoenen.

Je zag hem al voordat je de bal zag.

Misschien heeft hij die schoenen wel gekocht omdat hij zich heeft voorgesteld dat bij AFC ooit het licht uitvalt.

Want AFC is geen Telstar.

Bij Telstar loopt er zomaar een supporter rond met een schroevendraaier.

Dat bleek in 2009, tijdens Telstar-VVV-Venlo. Een lichtmast viel uit en de wedstrijd dreigde te worden stilgelegd.

Tot er een supporter opstond.

Hij bleek servicemonteur.

Hij liep naar de elektrische ruimte, pakte zijn schroevendraaier en repareerde de lichtmast.

Zo iemand loopt bij AFC niet rond.

Bij AFC loopt de notaris rond. De advocaat. De accountant.

In driedelig pak.

Niemand met een schroevendraaier.

Dus Milan heeft vooruitgedacht.

Als bij AFC het licht uitvalt, is hij tenminste nog zichtbaar.

Dat is geen ijdelheid.

Dat is anticiperen.

Kijken met de binnenkant van je ogen

Louis van Gaal noemt het imagineren.

Bassie noemde het: even kijken met de binnenkant van je ogen.

En eerlijk gezegd had ik als kind meer met Bassie dan met Louis van Gaal.

Bassie hoefde niet uit te leggen wat imagineren was. Hij zei gewoon dat hij even met de binnenkant van zijn ogen ging kijken.

Ik begreep dat.

Ik kon toen volledig verdwijnen in de verhalen van Sjakie Meulemans.

Sjakie was een jongetje dat niet bepaald bekendstond als een begenadigd voetballer. Hij woonde bij zijn oma en kreeg op een dag oude voetbalschoenen van zijn idool Voltreffer Vick.

Dat waren geen gewone voetbalschoenen.

Het waren wondersloffen.

De schoenen wisten waar Sjakie moest staan. Ze hielpen hem bij zijn schijnbewegingen. Ze brachten hem naar de goede plek en zorgden ervoor dat de bal ineens deed wat Sjakie wilde.

Soms verdwenen de schoenen weer.

Dan begon Sjakie een zoektocht naar hun geschiedenis. Oude kranten, voetbalbladen, dagboeken. Alles werd erbij gehaald om te ontdekken waar die wonderlijke schoenen vandaan kwamen.

Ik vond het prachtig. En donderdagavond moest ik ineens weer aan Sjakie denken. Misschien waren die gele schoenen van Milan wel zijn wondersloffen.

Misschien waren het gewoon de schoenen

Iedere jongen wilde vroeger de beste voetballer van het team zijn.

Je wilde dat de bal naar jou kwam.

Je wilde een tegenstander uitkappen.

Je wilde scoren.

Je wilde maandag op school kunnen vertellen dat jij het had gedaan.

En als het niet lukte, was er altijd nog een geruststellende gedachte:

Misschien had je gewoon de verkeerde schoenen.

Ik heb de schoenen van Voltreffer Vick nooit gekregen.

Wij gingen naar Sport & Mode of Sporthuis Freriks aan de Lange Nieuw.

Daar stonden de voetbalschoenen.

Zwart.

Altijd zwart.

Geen fluorescerend geel. Geen roze. Geen gifgroen.

Zwarte voetbalschoenen.

Je trok ze aan, strikte de veters en daarna moest je het zelf maar zien te redden.

Dat heb ik ook geprobeerd.

Ik heb ooit voor Stormvogels A3 tegen De Kennemers A2 een doelpunt gemaakt met een lob.

Zo’n doelpunt waarvan je jaren later nog denkt: misschien zat er toch iets van Sjakie Meulemans in mij.

Alleen had ik daarvoor een penalty gemist.

Dus zo bijzonder waren mijn schoenen ook weer niet.

Het waren geen wondersloffen.

Misschien moest ik gewoon beter met de binnenkant van mijn ogen kijken.

Of misschien werkte de magie pas ná een gemiste penalty.

Dat weet je bij die oude strips nooit.

Misschien stond iedereen gewoon in het donker

Maar donderdagavond keek ik anders naar Milan.

Want aanvankelijk dacht ik vooral aan al die voetballers die tegenwoordig graag gezien willen worden.

Het kapsel.

Het horloge.

De schoenen.

Het merk.

Alles lijkt tegenwoordig bedoeld om op te vallen.

Maar misschien had ik Milan helemaal verkeerd begrepen.

Chedric Seedorf had eerder tegen Kloetinge al eens een energielek gezien.

Tegen Rijnsburgse Boys was het lek nog niet gedicht.

Bij een corner werd opnieuw een speler van Rijnsburgse Boys vrijgezet door een blokkering.

En bij een vrije trap zag men de bal aan voor een hete kroket.

Je kunt dan naar de keeper kijken.

Maar een keeper heeft geen acht armen.

Misschien was het helemaal geen energielek.

Misschien stond iedereen gewoon in het donker.

De wondersloffen van Milan

En misschien zijn die fluorescerend gele schoenen van Milan helemaal niet bedoeld om op te vallen.

Misschien zijn ze bedoeld om elkaar te kunnen zien.

Om te weten waar je moet staan.

Om te weten waar de ander staat.

Om elkaar te vinden.

Communicatie.

Organisatie.

Misschien is dat wel wat imagineren werkelijk is.

Niet bedenken hoe je zelf beter zichtbaar wordt.

Maar bedenken wat een ander nodig heeft om jou te kunnen vinden.

Bij Telstar had iemand een schroevendraaier.

Bij AFC heeft Milan fluorescerende voetbalschoenen.

Blijf op de hoogte en volg ons via Facebook, Instagram en Twitter!
Bezoek ook de clubpagina(s)
AFC