Door: Robin Punt
Vorige maand schreef ik in mijn column: Waar zijn we nou helemaal mee bezig?
Eigenlijk zou ik die column iedere week opnieuw kunnen schrijven. Want amper was de inkt droog of het was alweer raak. Wedstrijden die werden gestaakt, opstootjes, scheldpartijen en ander gedoe dat niets met voetbal te maken heeft. Je zou er moedeloos van worden. Maar laten we ook niet overdrijven. Voetbal is nog steeds een hartstikke leuk spelletje. Net als in de samenleving gaat er weleens iets mis. Soms met vervelende gevolgen, om het maar eens zacht uit te drukken. Gelukkig zijn er ook momenten waarop je denkt: zie je wel, zo kan het dus ook!
Lees ook hier: COLUMN | Door de ogen van de scheidsrechter (31): Mijn hemel… waar zijn we mee bezig?
Afgelopen week mocht ik namens de KNVB als scheidsrechterscoach naar de Noord-Amsterdamse derby tussen De Volewijckers Onder 15 en De Dijk Onder 15. Op voorhand geen doorsnee jeugdwedstrijd. Een week eerder was een wedstrijd van De Dijk door de scheidsrechter gestaakt. Niet vanwege schermutselingen tussen de spelers op het veld, maar door het gedrag van ouders langs de lijn.
Je verzint het niet. Kinderen die lekker willen voetballen, terwijl de volwassenen blijkbaar even vergeten zijn waarvoor ze eigenlijk naar het sportpark komen. Het was dus zaak dat het deze keer anders zou gaan. De besturen van beide verenigingen hadden vooraf met elkaar overlegd en waren vastbesloten er een normale voetbalmiddag van te maken. Er werden duidelijke afspraken gemaakt over het gedrag langs de lijn. Vanuit De Dijk kwam zelfs de suggestie om bij doelpunten niet te juichen.

Pardon? Niet juichen bij een doelpunt?
We hebben het hier toch over voetbal? Een sport waarin je juist probeert te scoren, waarin kinderen trots mogen zijn als ze iets moois laten zien en waarin je als ouder toch best blij mag zijn wanneer jouw zoon of dochter de bal tegen de touwen schiet? Bij De Volewijckers vond men zo’n beperking gelukkig niet gepast. De suggestie werd dan ook niet overgenomen. En terecht, wat mij betreft. Want als we zelfs het juichen moeten gaan reguleren, waar zijn we dan mee bezig?
Gelukkig hadden beide verenigingen hun verantwoordelijkheid genomen. De besturen waren aanwezig, de organisatie was goed voorbereid en ook aan belangstelling ontbrak het niet. De jongens hadden elkaar vooraf kennelijk al behoorlijk opgejut, waardoor de wedstrijd extra leefde. De tribune was aardig gevuld en langs het veld stonden naar schatting bijna 150 toeschouwers. Voor een wedstrijd van Onder 15 bepaald geen verkeerde opkomst.
Tussen de belangstellenden zag ik ook Ale van der Zee, een oude bekende met een rijk verleden bij De Volewijckers. Zijn kleinzoon speelde mee. Ale is iemand die de club van binnen en buiten kent en over wie op deze website in 2019 al eens een mooi verhaal verscheen. Het was leuk hem daar weer tegen te komen. Terwijl de spelers zich opmaakten voor de aftrap, was ik vooral benieuwd hoe de middag zou verlopen. Niet alleen vanwege het voetbal, maar ook vanwege alles wat eraan vooraf was gegaan. Als scheidsrechterscoach kijk je nu eenmaal met andere ogen naar een wedstrijd. Je let op de arbitrage, op de manier waarop spelers reageren en op wat er rondom het veld gebeurt.
En wat gebeurde er?
Er werd gewoon gevoetbald!
Er werd gestreden om iedere meter, zonder dat de sportiviteit uit het oog werd verloren. De jongens gingen de duels niet uit de weg en lieten zien dat een derby best fel mag zijn. Waar de grens een enkele keer werd overschreden, was de scheidsrechter er om de zaken weer in goede banen te leiden. Zoals het hoort. Bij De Dijk speelde trouwens ook een meisje mee. En dat was bepaald niet voor de statistieken. Ik heb van haar genoten. Ze liet zich absoluut niet intimideren, ging de duels vol overtuiging aan en stak er op sommige momenten zelfs bovenuit. Niet bevreesd voor haar tegenstanders stond ze meer dan haar mannetje. Prachtig om te zien.
Ondertussen bleef het langs de lijn rustig. Geen geschreeuw naar de scheidsrechter, geen ouders die elkaar de maat namen en geen vervelende taferelen. Gewoon belangstelling voor een wedstrijd waarin twee jeugdteams graag wilden winnen. De Volewijckers bleek uiteindelijk de betere ploeg. De thuisclub had net wat meer in huis en won verdiend met 2-0. Na het laatste fluitsignaal gaven de spelers elkaar een hand en kon iedereen met een goed gevoel terugkijken op de ontmoeting.
En weet je wat het mooiste was? Er werd gewoon gejuicht bij de doelpunten. Zoals dat bij voetbal hoort. Zonder dat iemand zich daardoor geroepen voelde om over de schreef te gaan. Ik zag jongens en een meisje die plezier hadden, trainers die zich met voetbal bezighielden en toeschouwers die zich gedroegen zoals je dat mag verwachten. Zo hoort een jeugdwedstrijd te zijn. Zonder dat de scheidsrechter ook nog als maatschappelijk werker of beveiliger aan de slag moet.
Natuurlijk was dit niet alleen de verdienste van de spelers. De verenigingen hadden hun verantwoordelijkheid genomen en waren vooraf met elkaar in gesprek gegaan. Dat verdient een compliment. Problemen verdwijnen niet vanzelf, maar soms begint de oplossing gewoon met elkaar aanspreken, luisteren en duidelijke afspraken maken. Na deze mooie jeugdwedstrijd stond er nog een andere ontmoeting op het programma. Het eerste elftal van De Volewijckers nam het in de vierde klasse op tegen Marken. Dat werd voor de thuisclub een heel ander verhaal. De bezoekers waren met maar liefst 1-12 te sterk en namen de drie punten mee naar huis. Laten we het erop houden dat de middag voor De Volewijckers niet op alle fronten even succesvol verliep.
Na afloop had ik nog een prettig gesprek met de scheidsrechter van dienst. Samen namen we zijn wedstrijd door. Wat ging goed? Wat had anders gekund? Waar lagen mogelijkheden om zich verder te ontwikkelen? Juist dat vind ik zo mooi aan het scheidsrechtersvak. Je bent nooit uitgeleerd. Iedere wedstrijd biedt nieuwe ervaringen en inzichten die je de volgende keer weer kunt gebruiken.
Een scheidsrechter die daarvoor openstaat, die wil leren en die met plezier zijn vak uitoefent, daar word ik blij van. Toen ik later naar huis reed, gingen mijn gedachten toch weer terug naar die jeugdwedstrijd. Naar de bijna 150 toeschouwers, de sportieve strijd op het veld en de manier waarop beide verenigingen hadden samengewerkt om er een geslaagde middag van te maken. Maar vooral bleef die ene suggestie door mijn hoofd spoken.

Niet juichen bij een doelpunt.
Hoe zijn we op het punt gekomen dat iemand zoiets überhaupt moet voorstellen? Dat we bij een wedstrijd van veertienjarige kinderen vooraf moeten nadenken over de vraag of ouders hun blijdschap wel mogen tonen? Dat clubbestuurders aanwezig moeten zijn om te voorkomen dat volwassenen zich misdragen?
Misschien moeten we deze wedstrijd juist als voorbeeld nemen. Niet vanwege die opmerkelijke suggestie, maar omdat iedereen er samen voor zorgde dat het gewoon een leuke voetbalmiddag werd. Voetbal hoeft helemaal niet ingewikkeld te zijn. Je mag fanatiek zijn, je mag balen van een nederlaag en je mag best even uit je dak gaan wanneer je zoon of dochter een wereldgoal maakt. Zolang je maar beseft dat er aan de overkant ook kinderen staan die net zo graag willen winnen en vooral net zo graag plezier willen hebben. Dus nee, ik ga deze maand niet opnieuw mijn hele column vullen met alles wat er misgaat op de amateurvelden. Dat verhaal kennen we inmiddels wel.
Ik denk liever terug aan die middag in Amsterdam-Noord. Aan een mooie derby, een meisje dat onbevreesd haar duels uitvocht, een scheidsrechter die de wedstrijd goed in de hand hield en twee verenigingen die lieten zien dat je samen verantwoordelijkheid kunt nemen. Maar één ding weet ik zeker: als we bij een jeugdwedstrijd al moeten overwegen om het juichen te verbieden, dan zijn we met z’n allen toch echt verkeerd bezig.
Gelukkig gebeurde dat niet. Er werd gewoon gejuicht. Bij de doelpunten, na mooie acties en na het laatste fluitsignaal. En zo hoort het ook. Want laten we vooral niet vergeten waarom we ooit met voetballen zijn begonnen: omdat het leuk is.
Robin Punt schrijft regelmatig een column voor Het Amsterdamsche Voetbal. Punt fluit al ruim 20 jaar wedstrijden in het amateurvoetbal. Voor het derde seizoen een landelijk veelgelezen Column op het Amsterdamsche Voetbal: ‘door de ogen van de scheids’, wat hij meemaakt, voor, tijdens of na wedstrijden of gewoon zomaar wat hem bezighoudt. Punt is naast scheidsrechter ook begeleider/ coach ontwikkeltraject-scheidsrechter én Vriend van het Amsterdamsche Voetbal met zijn bedrijf Intertime Klokken.
Het Amsterdamsche Voetbal Doelgericht