JUBILEUMFEEST | 125 jaar V.V.A./Spartaan: eeuwig jong tussen herinnering en toekomst

V.V.A./Spartaan viert in oktober 2026 het 125-jarig bestaan. Een mijlpaal die niet alleen uitnodigt om oude foto’s en verhalen boven tafel te halen, maar ook om vooruit te kijken. Op zondag 25 oktober moeten tijdens een grote jubileumreünie verschillende generaties elkaar ontmoeten. Oud-prof Eddy Bakker, die als tienjarig jongetje bij VVA begon en later de Eredivisie bereikte, is nauw betrokken bij die organisatie. „Als iedereen op de reünie gezellig met elkaar staat te praten en je tevreden gezichten ziet, dan is het voor mij geslaagd.”

Wie 125 jaar voetbalgeschiedenis probeert samen te vatten, ontdekt al snel hoe betrekkelijk een mensenleven eigenlijk is. Generaties kwamen en gingen, voetbalvelden verdwenen, buurten veranderden en verenigingen fuseerden. Namen die ooit wekelijks door Amsterdam klonken, verdwenen soms volledig. V.V.A./Spartaan is er nog.

Op zondag 25 oktober wil de vereniging stilstaan bij die geschiedenis. Niet met uitsluitend een officiële terugblik vol jaartallen en kampioenschappen, maar vooral door mensen bij elkaar te brengen. De reünie moet een ontmoeting worden tussen het VVA en De Spartaan van vroeger en het V.V.A./Spartaan van nu.

Eddy Bakker is daarvoor misschien wel één van de mooiste verbindingsstukken. Geboren in Amsterdam op 2 mei 1954 meldde hij zich in 1964, als tienjarige, bij VVA. Acht jaar later vertrok hij naar Go Ahead Eagles en begon een profloopbaan die hem vervolgens langs FC Groningen en sc Heerenveen voerde. Toch blijkt, meer dan een halve eeuw nadat hij VVA achter zich liet, hoe sterk die eerste voetbaljaren in zijn geheugen zijn blijven zitten. „Ik heb hier als klein jongetje, als tienjarige, mijn eerste stappen gezet. Eigenlijk heb ik er niet eens zo heel lang gespeeld, want op mijn zeventiende, achttiende vertrok ik al. Maar het voelt wel als een lange periode. Een indrukwekkende periode.”

Herinneringen komen terug

Zoals wel vaker, verdween zijn oude club daarna lange tijd naar de achtergrond. Bakker was bezig met zijn voetbalcarrière, vervolgens met zijn maatschappelijke loopbaan en het gewone leven. Pas veel later kwamen de herinneringen weer nadrukkelijk terug. „Als je gepensioneerd bent, komt het allemaal weer een beetje bovendrijven. Ik was op Facebook bezig met reünies van FC Groningen en op een gegeven moment kwamen er ook jongens van VVA in beeld.”

Oude foto’s werden gedeeld. Namen werden erbij gezocht. Voormalige ploeggenoten vonden elkaar opnieuw. Wat aanvankelijk niet veel meer was dan nostalgie op sociale media, begon langzaam ergens op te lijken. Waarom niet eens met tien of twintig oud-VVA’ers bij een wedstrijd afspreken? „Toen zei iemand die lange tijd bij VVA heeft gespeeld: ‘Maar in september zijn we jarig en bestaan we 125 jaar.’ Toen zijn Hans Jansen (Jansen is een oud-voetballer (centrale verdediger) die onder andere voor Ajax speelde, red.) ik via het secretariaat contact gaan zoeken met de club.”

Daarmee kreeg het initiatief plotseling een veel grotere betekenis. Een kleine reünie van oud-ploeggenoten werd onderdeel van de viering van 125 jaar clubgeschiedenis. Inmiddels hebben zich volgens Bakker ongeveer 65 oudgedienden gemeld. Voormalige spelers vormen de grootste groep, maar ook oud-trainers en begeleiders worden verwacht.

Kweekvijver van Amsterdam

Voor Bakker begint de geschiedenis die hij zelf kan vertellen in 1964. Het Amsterdamse voetbal zag er toen compleet anders uit. Clubs waren veel sterker met hun eigen wijk verbonden en afstanden speelden een grotere rol. Je ging vaak voetballen waar je vader, vrienden of buurtgenoten je mee naartoe namen. In het geval van Bakker was de keuze duidelijk. „Ik moest van mijn vader naar VVA.”

Daar kreeg hij een voetbalopleiding die hem uiteindelijk naar het betaalde voetbal zou brengen. VVA stond in die jaren volgens Bakker vooral bekend om de heel goede jeugd. De hoogste jeugdelftallen speelden op een heel hoog niveau en ontmoetten gerenommeerde tegenstanders, waaronder de Ajax-jeugd. Verschillende spelers werden geselecteerd voor vertegenwoordigende Amsterdamse- en nationale elftallen. „Het was echt een club voor de jeugd. De B1 en A1 speelden zelfs interregionaal. Je speelde tegen Ajax en andere gerenommeerde clubs. VVA stond bekend om zijn jeugd en om de goede spelers die er rondliepen.”

Bakker was bepaald niet het enige talent dat opviel. Hij noemt onder anderen Hans Jansen en Ron ‘Ronnie’ Hilster, die een jeugdcontract bij Ajax kregen. Hilster kwam later onder meer bij Helmond Sport terecht. Ook spelers als Eddie Kraal en Wim Gerber vonden hun weg richting het betaalde voetbal. „Niet iedereen is uiteindelijk écht doorgebroken, maar er waren behoorlijk wat jongens voor wie belangstelling was. VVA was echt een kweekvijver voor talent.”

Het is precies dat onderdeel van de historie dat Bakker tijdens het jubileum graag opnieuw zichtbaar ziet worden. Niet omdat vroeger automatisch alles beter was, maar omdat een sterke jeugdopleiding een vereniging identiteit geeft. Zijn eigen loopbaan is daarvan het meest tastbare voorbeeld.

Van VVA naar de Eredivisie

Op achttienjarige leeftijd vertrok Bakker naar Go Ahead Eagles. In het seizoen 1972/1973 debuteerde hij in de Eredivisie. Vier seizoenen bleef hij verbonden aan de Deventer club. In 1975 speelde hij bovendien voor het Nederlandse militaire elftal, dat tweede werd op het militaire wereldkampioenschap. In 1976 volgde FC Groningen. Daar beleefde de aanvaller de meest productieve periode uit zijn carrière. Met Groningen werd hij in 1980 kampioen en promoveerde hij naar de Eredivisie. Bakker groeide uit tot een van de belangrijke doelpuntenmakers uit de clubhistorie. Zijn laatste profclub werd sc Heerenveen, waar hij in 1984 zijn actieve carrière beëindigde. Een loopbaan van meer dan tien jaar in het betaalde voetbal, begonnen bij een Amsterdamse amateurclub.

Juist daarom kreeg zijn recente terugkeer naar de Laan van Spartaan extra betekenis. Bakker ontmoette er onder anderen jeugdspelers. Jongens die ongeveer op dezelfde leeftijd zijn als hijzelf toen profclubs hem begonnen op te merken. Zijn boodschap aan hen was eenvoudig. „Als je talent hebt en je hebt ook een beetje mazzel – want dat heb je toch nodig – dan bestaat voor iedereen de kans om iets te bereiken in het voetbal.”

De club veranderde, de stad Amsterdam veranderde. Wie na tientallen jaren terugkeert bij zijn jeugdclub, vindt nooit precies terug wat hij heeft achtergelaten. Dat geldt misschien nergens sterker dan in Amsterdam. Ook Bakker moest tijdens zijn meest recente bezoek constateren dat de omgeving, het complex én de samenstelling van de vereniging compleet zijn veranderd.

„Je herkent het niet meer. De velden van vroeger zijn weg. Er staat een mooi complex, er is een mooie kantine en er zijn allemaal woningen omheen.” Ook binnen de vereniging ziet hij een veel grotere diversiteit dan in zijn jeugd. Waar VVA in de jaren zestig vooral bestond uit jongens uit de Amsterdamse buurten van destijds, weerspiegelt V.V.A./Spartaan tegenwoordig het Amsterdam van 2026. Bakker ziet daarin vooral een nieuwe generatie die de club verder moet dragen. Tijdens zijn bezoek raakte hij in gesprek met spelers en jeugdleden en merkte hij hoe gemakkelijk het contact ontstond. Het past bij een voetbalvereniging die gedurende 125 jaar voortdurend moest meebewegen met haar omgeving. De club van nu kan onmogelijk dezelfde zijn als die van 1901, 1964 of zelfs twintig jaar geleden.

En misschien verklaart juist dat waarom het jubileummotto ‘Eeuwig Jong’ zo passend is. „Het is natuurlijk één van de oudere clubs van Amsterdam”, zegt Bakker. „Maar je wilt wel de uitstraling houden dat je jong bent en jong blijft. Dat kan alleen als je aan de weg blijft timmeren.”

Fusie als nieuw hoofdstuk

De huidige naam V.V.A./Spartaan verraadt ondertussen dat er niet één, maar meerdere geschiedenissen samenkomen. VVA en De Spartaan gingen uiteindelijk samen toen beide verenigingen te maken kregen met een teruglopend spelersaanbod. Bakker maakte die fusie zelf niet van dichtbij mee, maar sprak er recent over met mensen uit de vereniging. Zoals meer Amsterdamse clubs in verschillende perioden ontdekten, werd zelfstandig voortbestaan steeds moeilijker. De fusie bood een mogelijkheid om verder te gaan. Daarmee werd ook iets behouden wat in het Amsterdamse amateurvoetbal lang niet vanzelfsprekend is. Verenigingen verdwenen, fuseerden of gingen in andere verbanden verder. V.V.A./Spartaan draagt in de huidige naam nog altijd een deel van beide geschiedenissen mee.

Het maakt de reünie van 25 oktober extra interessant. Niet iedereen die straks binnenloopt, kent dezelfde club. De één herinnert zich een veld dat er niet meer ligt, de ander een trainer uit de jaren tachtig en weer een ander kent uitsluitend het huidige sportpark. Toch delen ze een stukje geschiedenis. Oude foto’s als collectief geheugen. Een complicatie bij het terughalen van 125 jaar verenigingsleven is dat lang niet alles keurig in een archief ligt opgeslagen.

Bakker vermoedt dat het historische clubarchief beperkt is. Daarom probeert hij via andere wegen materiaal terug te vinden. Oude foto’s worden bijvoorbeeld gedeeld op Facebookpagina’s over Amsterdam-West, Geuzenveld, Osdorp en Slotermeer. Vervolgens begint vaak het speurwerk. Wie staat er op die foto? Welk elftal is het? Uit welk seizoen? Wie kent die trainer nog? Zo wordt de geschiedenis stukje bij beetje gereconstrueerd.

Het jubileum gaat daardoor niet alleen over bekende oud-spelers of sportieve successen. Juist de duizenden gewone leden, trainers, leiders, vrijwilligers, ouders en supporters vormden 125 jaar lang de vereniging. Zonder hen bestaat er geen clubgeschiedenis.

DWV – De Spartaan: 2-0

Van bijna geen eerste elftal naar groei

Terugkijken is één kant van een jubileum. De andere vraag is misschien belangrijker: hoe bereik je straks ook 150 jaar? Bakker hoeft daar niet lang over na te denken. „Belangrijk is dat het een financieel gezonde club is. Dat zijn ze weer aan het worden. Maar het allerbelangrijkste is dat jongens én meisjes zich aanmelden en daar gaan voetballen.”

Een vereniging moet volgens hem omvang hebben. Meerdere jeugdteams, senioren, vrouwen en meisjes en uiteindelijk een herkenbaar vlaggenschip. Vooral de jeugd moet opnieuw een fundament worden onder de club. „VVA stond bekend als een vereniging met een enorm goede jeugd. Dat is essentieel voor de toekomst. Dat jongens of meisjes uiteindelijk doorbreken en dat mensen dan zeggen: waar zijn die begonnen? Bij V.V.A./Spartaan.” Naamsbekendheid helpt vervolgens om nieuwe jeugd aan te trekken. Niet alleen uit de directe omgeving, maar ook van verder weg.

Er zijn redenen voor optimisme. Bakker hoorde tijdens zijn gesprekken met de club dat er enige tijd zelfs geen eerste elftal meer was. Inmiddels is dat terug en volgens hem is ook het ledenbestand weer flink gegroeid. Voor een 125-jarige vereniging is dat misschien belangrijker dan welk historisch resultaat dan ook: er wordt weer gebouwd.

VVA/Spartaan speelt in de zaterdag vijfde klasse A en is op dit moment koploper. Kijk hier voor de stand en het programma

Honderd mensen en één foto

Op 25 oktober moeten verleden en heden uiteindelijk letterlijk naast elkaar komen te staan. Bakker hoopt op ongeveer honderd aanwezigen. Een stuk of vijftig oudgedienden zou hem al tevreden stemmen, zeker wanneer daarnaast een vergelijkbare groep uit de huidige vereniging aanwezig is.

En dan moet er vooral worden gepraat. Over wedstrijden waarvan niemand de uitslag meer precies weet. Over trainers die vroeger verschrikkelijk streng leken. Over ploeggenoten die iemand veertig jaar niet heeft gezien. Over verdwenen velden, oude kleedkamers en doelpunten die met het verstrijken van de jaren vermoedelijk steeds mooier zijn geworden. Er staat ook een groepsfoto op het programma. „Als die aantallen er zijn en iedereen daar tevreden staat te kijken, gezellig met elkaar praat en we die groepsfoto kunnen maken, dan is het voor mij geslaagd”, zegt Bakker.

Aanmelden voor de jubileumreünie kan via de website van V.V.A./Spartaan. Tegelijkertijd wil Bakker vooral benadrukken dat de drempel laag moet blijven. „Iedereen is welkom.” Daarmee wordt 25 oktober geen eindpunt van 125 jaar geschiedenis, maar vooral een tussenstation. Want wie Eeuwig Jong als motto kiest, kan zich eigenlijk niet veroorloven uitsluitend achterom te kijken.

Aanmelden voor de reünie: klik hier

Blijf op de hoogte en volg ons via Facebook, Instagram en Twitter!
Bezoek ook de clubpagina(s)