Op Sportpark Ookmeer waait voorzichtig optimisme door de gangen. DCG draait mee in de top van de zondag tweede klasse B en dat is volgens Amir Riffi (24) geen toeval. Na wisselvallige seizoenen lijkt het Amsterdamse elftal dit jaar klaar om écht een stap te zetten. “Ik hoop dat we met DCG iets kunnen bereiken en dat het er eindelijk uitkomt. Voor mij persoonlijk wil ik veel doelpunten maken en weer richting de vierde, misschien zelfs derde divisie.”
De cijfers van Riffi liegen er niet om. Zes treffers staan al achter zijn naam en hij voelt zich fitter en scherper dan de afgelopen jaren. “Met mezelf gaat het echt top. Vorig seizoen was lastig, vooral door een hamstringblessure. Het jaar daarvoor liep het ook niet lekker met doelpunten. Dat was wennen, want ik kwam uit de vierde divisie, waar ik twee jaar topscorer was bij asv De Dijk. Hier is het een andere competitie, met minder ruimte en meer fysieke duels. Dit jaar valt gelukkig alles beter op zijn plek.”
Wisselvalligheid maakt plaats voor stabiliteit
DCG begon het seizoen opnieuw met wisselende resultaten: overtuigende thuiszeges werden afgewisseld met slordige nederlagen buitenshuis. “Dan win je thuis dik en verlies je uit met 2-0. Maar de laatste wedstrijden gaan gewoon goed. We doen mee bovenin en dat verbaast me eerlijk gezegd niet,” stelt Riffi. “De afgelopen jaren speelden we al goed, alleen kwam het er niet uit. We kregen te makkelijk doelpunten tegen, vaak door individuele fouten.” Volgens Riffi is dat precies waar dit seizoen de vooruitgang zit. “We maken onze kansen vaker af en die slordige fouten worden steeds minder. We verliezen nooit omdat we minder zijn; eigenlijk heb ik elke wedstrijd het gevoel dat we beter zijn. Maar als je 1-0 achter komt, kan een duel snel kantelen.”
‘Een hele rare competitie’
De tweede klasse B staat bekend als grillig, en dit seizoen vormt daarop geen uitzondering. “Het is echt een rare competitie. Het ene moment sta je dicht bij degradatie, het andere moment bij promotie,” zegt Riffi. “Vorig jaar was het net zo. Vijf wedstrijden voor het einde stonden we in de degradatiezone en op de laatste speeldag kwamen we twee doelpunten tekort voor de play-off om promotie. Dat zegt alles.” Het verschil met dit jaar? “We zijn in elk geval beter gestart. Dat scheelt enorm. De afgelopen twee seizoenen liepen we steeds achter de feiten aan en moesten we alles inhalen aan het einde.
Bewuste keuze
Hoewel Riffi opties had om in de vierde divisie te blijven, koos hij bewust voor DCG. “Ik kom uit de jeugd van DCG en woon in de buurt. Voor mij voelde het als een stapje terug, maar wel met een duidelijk doel. De trainer (Ibrahim el Mahdioui, red.) wilde me heel graag hebben en ik geloofde in het plan: eerst hier presteren en dan samen omhoog.” Dat geloof wordt gevoed door de mentaliteit binnen de selectie. “We hebben een team dat nooit opgeeft. Tegen RODA ’23 stonden we 2-0 achter en kwamen we terug. De doelpunten die we maken zijn geen toeval; we trainen heel gericht.”

Kampioensambitie
De selectie bestaat uit een mix van ervaren spelers, spelers rond de leeftijd van Riffi en jong talent. Volgens de spits is dat precies de juiste balans. “Dit seizoen kunnen we echt kampioen worden. In het begin maakten we nog individuele fouten, maar dat wordt steeds minder zoals ik al stelde. Ik wil vol voor het kampioenschap gaan en ik weet zeker dat iedereen dat wil.” Na de winterstop hervat DCG de trainingen op 8 januari, met een oefenwedstrijd tegen JOS/Watergraafsmeer. Op zondag 1 februari wacht direct een serieuze test: op Sportpark Ookmeer komt HVCH op bezoek, een directe concurrent met evenveel punten. Voor Amir Riffi is het duidelijk wat er op het spel staat. “Dit is zo’n seizoen waarin alles kan. Als we blijven doen wat we nu doen, kan dit eindelijk het jaar worden waarin DCG laat zien wat er al langer in zit.”
Foto’s: Minke Wiggerink
Het Amsterdamsche Voetbal Doelgericht