Met aanvoerder Bep Thomas (tweede van rechts, staand)

CLUB IN BEELD | Deel 2 – SDW langs de rand van de afgrond. Zondag 10 mei bestond de club 119 jaar

Heel SDW raakt in een vrije val in de periode 1990-2010

Begin maart 2026 verscheen het eerste artikel in Het Amsterdamsche Voetbal (lees hier)

Dit artikel gaf een inkijk in de geschiedenis van SDW en de weg naar de top van het amateurvoetbal, met als hoogtepunt 1971, toen SDW bijna landskampioen bij de zondagamateurs werd en uiteindelijk op de tweede plaats eindigde.

Dit tweede artikel laat zien hoe SDW vervolgens in zwaar weer terechtkomt en een faillissement, opheffing of fusie vrijwel onvermijdelijk lijkt. Wat deed SDW om te overleven?

Maar eerst nog een terugblik op het eerste artikel in Het Amsterdamsche Voetbal.

Op het kleine, knusse sportpark aan de Multatuliweg is SDW al een paar keer uit zijn jasje gegroeid. Niet alleen qua velden, maar ook qua accommodatie. Het succes van SDW als club die tot de top van Nederland behoort, leidt logischerwijs tot een grote aantrekkingskracht op nieuwe leden en publiek. Maar niet alleen het succes speelt daarin een rol. Ook de gunstige ligging van het sportpark en het familiaire, gastvrije en sociale karakter dat SDW in alle facetten uitstraalt, zorgen voor extra aanwas.

De droom op dat moment is dat SDW er een extra veld bij krijgt op dat knusse complex. “Laat ons hier blijven, geef ons een extra veld; hier ligt al jaren onze mazzel”, zegt toenmalig voorzitter Joop Wagenaar. Dat extra veld komt er niet en een verhuizing blijkt onafwendbaar.

Uit clubblad 1973 vlak voor de verhuizing naar Spieringhorn

SDW verhuisde in december 1973 naar het nieuwe sportpark Spieringhorn. Ook DWS en Argonaut gingen vanaf eind 1973 op dit sportpark spelen. SDW kreeg daar de beschikking over vier voetbalvelden, één handbalveld, een ruim trainingsveld en een groot clubgebouw.

De familie- en arbeidersclub liet zich opnieuw van zijn beste kant zien. Dag en nacht werkten SDW’ers aan de bouw en inrichting van het clubgebouw en binnen acht maanden was alles gereed. Erg belangrijk was bovendien dat SDW het nieuwe complex schuldenvrij in gebruik kon nemen. Zuinigheid was het motto van de penningmeesters Benistant en Van Nassauw, al werd hun dat niet altijd in dank afgenomen. Er was nu voldoende ruimte om zowel handbal als voetbal onder te brengen en verder te groeien.

Hoe ging het op dat moment met het eerste elftal van SDW?

Zoals in deel 1 geschreven:
‘SDW werd in het seizoen 1970-1971 kampioen van de 1e klasse West 1 en tweede van Nederland bij de zondagamateurs.’

In het seizoen 1971-1972 werd SDW tweede in de 1e klasse, achter Elinkwijk.
In het seizoen 1972-1973 werd SDW opnieuw tweede in de 1e klasse, wederom achter Elinkwijk.

En dan het seizoen 1973-1974: in twee opzichten een bijzonder seizoen. SDW verhuisde halverwege het seizoen naar Sportpark Spieringhorn, maar ook werden in dit seizoen drie hoofdklassen gevormd. De top zeven van district West 1 en de top zeven van district West 2 zouden in het seizoen 1974-1975 uitkomen in Hoofdklasse A.

SDW draaide dat seizoen als een trein. Op het moment van de verhuizing stond SDW glansrijk bovenaan. Bovendien zou SDW dat seizoen de eerste club van Nederland worden die zeker was van plaatsing voor de hoofdklasse.

De stand op de dag van de verhuizing was als volgt:

Vanaf hier pakken we de draad weer op en begint het deel 2 van het artikel.

De mazzel lijkt weg

Voorzitter Joop Wagenaar en SDW droomden van een extra veld aan de Multatuliweg. Op 1 december 1973 verhuisde SDW naar Sportpark Spieringhorn. In de eerste maanden op Spieringhorn zat het echter flink tegen. De mazzel leek verdwenen. Erevoorzitter Giel Koolemans overleed vlak voor de opening van het nieuwe clubgebouw. Bovendien kreeg SDW in december 1973 nauwelijks de kans om aan de nieuwe accommodatie te wennen. Het weer was die maand erg slecht, waardoor wedstrijden werden afgelast. Daarnaast waren er autoloze zondagen als gevolg van de oliecrisis, waardoor er eveneens niet gespeeld werd.

Autoloze zondag 1973 (foto: nationaal archief, vrij van rechten)

Bij SDW is het gebruikelijk om in weekenden zonder voetbal in de kantine te klaverjassen en te jokeren. Door het slechte weer, het verbod op autorijden op zondag en de slechte bereikbaarheid van het sportpark komt daar echter weinig van terecht. Pure pech dus, en een gebrek aan mazzel.

Daarnaast zijn er natuurlijk ook de “gewone” vervelende aanloopproblemen van een nieuw complex. Zo is de gemeente nog niet klaar met de veldverlichting en duurt de aanleg van de wegen op het complex zelf drie maanden langer dan gepland. Het eerste elftal moet daardoor noodgedwongen trainen bij Energia. (Energia, de voetbalclub van het Gemeente-energiebedrijf, speelde bij de Centrale Hemweg, onder de rook van een elektriciteitscentrale.)

Eind 1973 staat SDW nog glansrijk bovenaan, met een voorsprong van vier punten – in die tijd leverde een overwinning nog twee punten op. Na de verhuizing naar Spieringhorn begint SDW echter punten te verliezen. De “Spieringstorm” en het noodgedwongen trainen bij Energia worden daarvoor soms als oorzaken genoemd. Aan het einde van het seizoen is de voorsprong van vier punten verdwenen en eindigt SDW op gelijke hoogte met Elinkwijk. De beslissingswedstrijd, gespeeld op het veld van Huizen, gaat met 1-0 verloren tegen Elinkwijk.

Toch behoort SDW ook dit seizoen weer tot de beste zes amateurclubs van Nederland en plaatst de club zich voor de nieuw gevormde hoofdklassen A, B en C, op dat moment het hoogste amateurniveau. Overigens was SDW geen voorstander van de invoering van deze hoofdklassen.

Voorzitter Jan Maarleveld zei daar in 1973 het volgende over:

De opening van de Koninkrijksspelen bij SDW op Spieringhorn in 1974

Direct in het eerste jaar op Spieringhorn krijgt SDW de eer dat de opening van de Koninkrijksspelen WIKIPEDIA op het SDW-veld plaatsvindt. Prins Claus verricht de opening en de wedstrijd tussen Suriname en Nederland wordt massaal bezocht.
(In het SDW-archief: KIJK HIER

De negende editie van de Koninkrijksspelen werd in Nederland gehouden. Suriname won de gouden medaille bij het voetbal.

De eerste 15 jaar van SDW op sportpark Spieringhorn

Niet alleen het eerste elftal verhuist naar het nieuwe sportpark; ook alle handbal- en voetbalteams gaan mee. De SDW-jeugd telt op dat moment 14 pupillenteams, 5 A-juniorenteams, 6 B-juniorenteams en 7 C-juniorenteams.

Eindelijk beschikt SDW over voldoende kleedkamers voor alle teams en is er genoeg veldcapaciteit om alle wedstrijden te spelen. Ook de kwaliteit van de velden is aanzienlijk beter. Enerzijds omdat ze minder intensief worden bespeeld, anderzijds omdat de velden hoger liggen dan de laaggelegen moddervelden aan de Multatuliweg. Voor het vele publiek dat het eerste elftal bezoekt, is bovendien meer dan genoeg ruimte in de grote kantine.

Tot zover de vooruitgang als gevolg van de verhuizing. Maar… het nieuwe sportpark ligt letterlijk in the middle of nowhere — en dat zal nog tientallen jaren zo blijven.

1975: Spieringhorn SDW, DWS, Argonaut in the middle of nowhere

Slechte bereikbaarheid en een onveilig gevoel

Het sportpark is slecht bereikbaar. Met het openbaar vervoer moet je vanaf station Sloterdijk nog twintig minuten lopen naar SDW. De route voert over een dijk door een gebied waar je je niet altijd veilig voelt. Ook voor fietsers is deze dijk de enige toegangsweg naar SDW, Argonaut en DWS. Dat geldt ongeacht waar je vandaan komt: vanuit de Staatsliedenbuurt, de Bos en Lommerbuurt, maar ook vanuit Slotermeer en Geuzenveld.

(Tussen Geuzenveld/Slotermeer en het sportcomplex ligt de Haarlemmertrekvaart. Tot circa 2020 was deze nergens over te steken.)

Het gevoel van onveiligheid in de jaren ’70 en ’80 werd versterkt doordat je langs een woonwagenkamp moest en doordat er in de jaren ’80 een verkrachting plaatsvond op de dijk.

Dit onveilige gevoel zou desastreuze gevolgen hebben voor de club. De aanwas van jonge jeugdleden kwam vrijwel stil te liggen. Bovendien besloten veel ouders hun jonge kinderen van SDW af te halen en over te schrijven naar clubs met een gunstigere ligging, zoals Sloterdijk, dat op de oude velden van SDW was gaan spelen.

Huidig bestuurslid Arnold Candelaria weet daar alles van. Tussen 1982 en 1986 moest hij van zijn ouders om deze reden stoppen bij SDW. Hij was toen elf à twaalf jaar oud. Rond zijn zestiende keerde hij terug naar de club.

Van oud SDW’er Hans Zurburg kregen we nog niet zo lang geleden een clubblad van 1984. (Hij is aan het ontspullen en heeft geen idee waarom hij dit clubblad nog had.) Het clubblad doorbladerend geeft een goed beeld van het ledenbestand van SDW na 11 jaar Spieringhorn. (of beter gezegd: het geeft een slecht beeld).

Van de 32 jeugdteams begin 1974 zijn er elf jaar later nog maar acht jeugdteams over. Wel zijn er nog 11 seniorenteams en zes handbalteams, die in december 1984 in de zaal spelen.

Op sportpark Multatuliweg was SDW in 1973 uit zijn jasje gegroeid. Op sportpark Spieringhorn zit SDW in 1984 juist veel te ruim in zijn jasje. Dat is schadelijk voor de financiën en bovendien vervelend voor de gezelligheid rond het veld en in de kantine.

SDW kiest dan ook al snel voor onderhuurders, onder andere DWSV ’61 en Al Achbal. In 1984 heeft DWSV maar liefst tien teams die bij SDW spelen.

De slechte bereikbaarheid en het onveilige gevoel hebben onmiskenbaar grote invloed op de krimp van het ledenbestand. Maar ook andere factoren spelen een belangrijke rol.

Demografie

In de jaren ’70 en ’80 verhuizen veel Amsterdammers naar onder andere Purmerend, Hoorn, Lelystad en Almere. Daar zijn de woningen groter en beter betaalbaar. Dit leidt tot ledenverlies bij SDW. Bovendien gaan de kinderen van SDW’ers daardoor vaak niet meer bij SDW spelen, maar bij clubs als AS ’80 en Flevo ’80 in Almere.

In diezelfde periode komen steeds meer gastarbeiders naar Nederland. In Amsterdam-West vestigen zij zich vooral in Bos en Lommer, Geuzenveld, Slotervaart, Osdorp en Slotermeer. Dit zorgt echter niet voor een serieuze toeloop van jeugdleden bij SDW. Dat komt deels door de ligging van het sportpark, maar vooral doordat de nieuwe bewoners van West in de jaren ’80 en ’90 hun eigen voetbalclubs oprichten. Voorbeelden daarvan zijn Chabab (1983), Sporting Maroc (1984), Al Achbal (1986), USMA (1986), Türkiyemspor (1987) en Serefspor (1992).

SDW heeft in de jaren ’80 nog wel als kraamkamer gefungeerd voor Al Achbal. Begin jaren ’80 had SDW twee seniorenteams met een Marokkaanse achtergrond. In 1986 maken deze teams de stap naar een eigen club: Al Achbal, dat vervolgens onderhuurder wordt bij SDW.

In de jaren ’80 en ’90 voert de gemeente beleid om het ontstaan van relatief kleine clubs met een buitenlandse achtergrond te ondersteunen. Waarom zou je immers bij een bestaande vereniging gaan voetballen als je ook je eigen club kunt oprichten?

Later draait de gemeente dit beleid weer terug, omdat het leidt tot te veel kleine clubs en daardoor financieel inefficiënte situaties. Veel van de in die periode opgerichte clubs zijn inmiddels verdwenen of opgegaan in fusies. In de huidige tijdsgeest ligt de nadruk juist op vitale verenigingen en integratie.

Hoe ging het verder met het 1e elftal op Spieringhorn?

Sowieso heeft SDW in de oudere leeftijdsgroepen minder last van de ligging van Spieringhorn. Deze leden hebben immers betere mogelijkheden om het sportcomplex te bereiken.

In 1971 werd SDW tweede van Nederland bij de zondagamateurs. En in 1974 behoorde SDW tot de top zes van de Nederlandse zondagamateurs en plaatste de club zich voor de nieuw te vormen drie hoofdklassen.

In 1976 degradeerde SDW uit die hoofdklasse naar de eerste klasse. In de periode na het kampioenschap verloor SDW te veel belangrijke spelers, onder anderen Nico Jansen, Heini Otto, Piet Pranger, Fred Bischot en Co Bekendam, die naar profclubs vertrokken. Daarnaast verloor SDW ook goede spelers aan concurrerende amateurclubs in de nabije omgeving. Dat is het trieste lot van een club die puur amateur wil blijven — en dat altijd is gebleven.

Desondanks hoopte SDW het verloren terrein snel goed te maken, maar ook in de eerste klasse had de club het na de degradatie zwaar. In 1978 werd Wim Lobbes trainer van de zondagselectie. In de jaren daarvoor was hij een belangrijke speler van het eerste elftal geweest. Naast zijn rol als speler was hij ook jeugdtrainer, net als Piet Witschge, Cor Peil en Co Bekendam: goede voetballers én goede jeugdtrainers.

Wim Lobbes kende de jeugdspelers goed en verjongde in zijn eerste seizoen direct de selectie. De overkomende A-junioren werden meteen voor de leeuwen geworpen. Ook het tweede elftal, dat in de hoogste klasse speelde, werd verjongd. Dat verliep uiteraard niet meteen succesvol. Voor de winterstop stond het eerste elftal met slechts vijf punten uit twaalf wedstrijden ruim onderaan. Hoewel de doorgestroomde jeugd talentvol was en op het hoogste jeugdniveau had gespeeld, bleek seniorenvoetbal in de eerste klasse toch van een andere orde.

Na de winterstop raakten de jonge spelers meer gewend aan het niveau en kwam SDW op stoom. Dankzij een sterke inhaalrace speelde de club zich alsnog veilig. Op selectieniveau beschikte SDW nu over een zeer jonge lichting die klaar was voor de toekomst.

SDW teerde vervolgens zo’n twaalf jaar op deze generatie. Het eerste elftal behoorde jarenlang tot de top van de eerste klasse en drie keer werd het kampioenschap — en daarmee promotie naar de hoogste amateurklasse — op een haar na gemist. Ook het tweede elftal speelde in de hogere amateurklassen.

In die jaren was SDW een geduchte en moeilijk te verslaan oefentegenstander. Zo werd onder andere gespeeld tegen het Nederlands elftal, het Chinese elftal en het IJslandse elftal. Tegen het Nederlands elftal werd in Zeist met 3-1 verloren. De tv-beelden daarvan hebben we nog, evenals een artikel hierover in ons archief: Kijk hier

1979: Oefenwedstrijd Nederlands Elftal tegen SDW in Zeist. 3-1

Voorpagina Telegraaf

De wedstrijden tegen China en IJsland worden gespeeld op Spieringhorn. In 1979 1-0 verlies tegen China en in 1988 2-1 verlies tegen IJsland.

“De wedstrijdvaan van de ontmoeting tegen China bevindt zich in het SDW-museum.”

Op de foto van links naar rechts keeper Wim Kraakman, Piet Pranger, Atie Schut, ? en Hesdy Sumter

Foto genomen voor de wedstrijd tegen China

1988: Verslag in de krant

Eindelijk een overdekte tribune bij het eerste veld (1986)

In 1986 gaat een lang gekoesterde wens in vervulling. SDW heeft een overdekte tribune. SDW laat weer zien dat het nog steeds die oude arbeidersclub is. Met man en macht en met mensenhanden wordt de tribune neergezet.

Op de foto onder andere Jan Krop, Piet Hoogendorp, Jan de Bie, Co Bekendam, Wim de Harder,  Johan Krop en Jan Kool.

Periode 1990–2010: het eerste elftal raakt in een vrije val

Vanaf 1990 lukt het SDW niet meer om zijn positie als toonaangevende amateurclub in Amsterdam vast te houden. Het eerste elftal degradeert drie keer achter elkaar. Bovendien wordt ternauwernood voorkomen dat SDW voor de vierde keer op rij degradeert.

Voor deze degradaties zijn verschillende duidelijke oorzaken aan te wijzen:

  • De vaste kern die eind jaren zeventig in het eerste en tweede elftal speelde, gaat in lagere teams spelen of stopt helemaal.
  • SDW blijft een pure amateurclub. In deze periode wordt het echter steeds gebruikelijker dat hoog spelende amateurclubs spelers betalen, terwijl ook lager spelende clubs regelmatig financiële steun krijgen van een ‘suikeroom’. Dat heeft twee gevolgen:
    • een aantal SDW’ers verlaat hierdoor de selectie;
    • de aantrekkingskracht van SDW op goede spelers neemt af ten opzichte van betalende amateurclubs.
  • Ook kan SDW steeds minder putten uit de eigen jeugd. In de jaren tachtig en negentig is de jeugdafdeling al relatief klein vanwege de slechte bereikbaarheid van Sportpark Spieringhorn. Daardoor daalt ook de kwaliteit.

Het Parool schrijft daarover in 1990: zowel DWS als SDW houden vast aan hun principes.

“Op Sportpark Spieringhorn blijft alleen de poenerige buurman van de beide clubs, De Sloterplas, wel op hetzelfde niveau actief”, aldus de krant.

Geknipt uit bovenstaand artikel.

Parool 16 oktober 1992 voorzitter Johan Krop, trainer Wim Lobbes, Heini Otto, Gijs Zwart en Chris Breugel brengen hun gedachten onder woorden na 3 degradaties.

SDW weet het verloren terrein niet meer terug te veroveren. In seizoen 1997-1998 wordt er nog wel een kampioenschap van de 4e klasse gevierd. Met grotendeels spelers die bij SDW in de jeugd hebben gespeeld. Met als trainer Peter Weppner.

SDW kon zich niet langdurig handhaven in de 3e klasse. Na vijf seizoenen degradeerde SDW naar de 5e klasse.

In seizoen 2011-2012 is er voor de laatste keer een kampioenschap van het 1e elftal te vieren en promotie naar de 4e klasse. Erelid Robbert van Gom was toen de trainer. Helaas, helaas, het grootste deel van het team werd al snel losgeweekt door een andere club (van buiten Amsterdam). Lees hier

Heel SDW raakt in een vrije val in de periode 1990-2010

Niet alleen het 1e elftal raakt in een vrije val. De gehele club gaat zware tijden tegemoet.
De ontwikkeling van de ledenaantallen is alleszeggend:

1965 – 250 leden – ledenstop op sportpark Multatuliweg
1973 – 600 leden – overgang naar sportpark Spieringhorn
1974 – 600 leden – 5 A-, 6 B-, 7 C-junioren, 14 pupillenteams
1976 – 586 leden
1979 – 523 leden – 180 handballeden
1992 – 220 leden – 10 seniorenteams, slechts 5 jeugdteams (waaronder in totaal 5 E- en F-pupillen)
2005 – onbekend – handbal stopt
2007 – 180 leden – 1 veteranenteam, 3 seniorenteams, 5 juniorenteams, 5 pupillenteams
2009 – 110 leden – 1 veteranenteam, 2 seniorenteams, 1 juniorenteam, 5 pupillenteams
2010 – 95 leden – jaar met het minste aantal leden; afbouw naar het huren van nog maar 1 speelveld en 1 trainingsveld

Wanneer je in 2026 terugkijkt op deze ledenaantallen – en dan met name op het dieptepunt van 2010 met slechts 95 leden – is het eigenlijk een wonder dat SDW dit heeft overleefd.

(Sterker nog: in 2026 is SDW gezonder dan ooit, bruisend, 119 jaar jong en gegroeid naar circa 1.200 leden. Maar daarover later meer in deel 3.)

Hoe heeft het zover kunnen komen?

Al eerder is geschreven dat de sportlocatie en de omgeving niet aantrekkelijk zijn voor nieuwe jeugdspelers. Als er tientallen jaren geen nieuwe jeugd bijkomt, werkt dat op den duur ook door in het aantal seniorenteams. ‘Zonder jeugd geen toekomst’.

SDW had de verwachting dat de omgeving van het sportpark zich binnen 10 tot 20 jaar zou verbeteren en dat voldoende jeugd de weg naar het sportpark zou weten te vinden. Helaas bleek dat niet het geval — verre van zelfs.

Ook na 1990 bleef de omgeving van sportpark Spieringhorn onaantrekkelijk om kinderen naartoe te laten gaan. Het sportpark was nog steeds slecht bereikbaar en lag nog steeds in the middle of nowhere. De door de gemeente beloofde fietsovergangen vanuit Slotermeer en Geuzenveld lieten bovendien op zich wachten tot 2020, ongeveer 45 jaar na de verhuizing naar Spieringhorn. Daardoor moesten jeugdspelers nog steeds flink omfietsen en over de stille dijk reizen. Veel jeugdspelers en hun ouders kozen daarom voor clubs op beter bereikbare locaties.

Wat eveneens niet meehielp, was dat zich in die periode diverse ongewenste incidenten rondom Spieringhorn voordeden:

  • Er kwam een tippelzone aan de Theemsweg (1996–2003).
  • Er werd een lijk gevonden op het sportpark (2003), tussen de velden van SDW en Türkiyemspor.
  • De voorzitter van de naburige vereniging Türkiyemspor werd neergeschoten (2007).
  • Er vonden regelmatig inbraken en vernielingen plaats in het afgelegen clubgebouw (onder andere vijftien keer in 2008).
Tippelzone Theemsweg 1996 – 2003.

Het verhaal van Nedim Imaç en Türkiyemspor. Bron: Youtube.

2003: Bosjes tussen de velden van SDW en Turkiyemspor (voorheen de velden van achtereenvolgens Argonaut, AZS, Zwarte Schapen, de Sloterplas, Omniworld, nu in 2026 de velden van hockeyclub Westerpark).

2008: volhouders Cor Peil en Hennie Geel na 15 inbraken in 2008.

Hoe jarenlang overleven met (te) weinig leden?

Hoe heeft SDW het volgehouden in al die moeilijke jaren? Nog maar 95 leden zo omstreeks 2010. Al geruime tijd weinig teams, achterstallig onderhoud, weinig contributie inkomsten, teruglopende sponsorinkomsten, teruglopend aantal vrijwilligers en actieve bestuursleden en het ontstaan van achterstand in betalingen.

Fuseren of toch maar niet

In het jubileumblad bij het 100-jarig bestaan in 2007 lezen we dat de buitengewone ledenvergadering  van SDW in 2000 akkoord ging met een fusie met DWS. Uiteindelijk ketste deze fusie af omdat de ereleden van DWS niet akkoord gingen.

Uit jubileumblad SDW 100-jarig bestaan (2007).

In de jaren hierop volgend gaan gemeentes zich steeds meer “bemoeien” met het overschot aan (te) kleine clubs en gaat meer en meer de duimschroeven aandraaien. Niet alleen bij SDW, niet alleen in Amsterdam, maar in het gehele land. De gemeentes hebben het standpunt dat clubs kleiner dan 300 leden niet levensvatbaar zijn, daarom moeten fuseren of moeten ophouden te bestaan.

Artikel uit 2011

In die zware jaren heeft de gemeente-/stadsdeelraad dan ook regelmatig aangestuurd op fusies tussen clubs als SDW, DWS, De Germaan en Chabab (2010), of op het vormen van samenwerkingsverbanden. Tussen SDW en DWS, en tussen SDW en De Germaan, hebben in die periode opnieuw verkennende gesprekken plaatsgevonden. Ook tussen DWS en Chabab, en tussen DWS en Blauw-Wit, zijn dergelijke gesprekken gevoerd.

Deze gesprekken strandden meestal al in een vroeg stadium. Breekpunten om niet tot een diepgaandere verkenning over te gaan waren onder meer: verschillen in cultuur, uiteenlopende toekomstvisies op overleven en financieel gezond worden, de staat van de financiële huishouding en de vraag op welke locatie gespeeld zou gaan worden. Daarnaast speelden sentiment en nostalgie een belangrijke rol: het vasthouden aan de eigen identiteit, historie, clubkleuren en naam.

Sterk door Wilskracht, Overleven door Wilskracht

Niet fuseren, tientallen jaren een kleine club blijven op een veel te grote accommodatie, langs de rand van de afgrond gaan en tóch overleven — hoe doe je dat?

SDW bestaat anno 2026 nog steeds en is groter en gezonder dan ooit tevoren. Dat is in de eerste plaats te danken aan de wilskracht en overlevingsdrang van een groep betrokken leden die in de moeilijke jaren niet wisten van opgeven: de volhouders en doorzetters. Het is immers niet eenvoudig om een club in leven te houden; op den duur is opgeven vaak makkelijker. Ook zij hebben momenten gekend waarop ze wilden stoppen.

Op 23 september 2004 zijn er bijna geen bestuursleden meer over en lijkt het onafwendbaar dat de club ophoudt te bestaan. Erevoorzitter Johan Krop doet dan een uiterste oproep om “de club niet dood te laten gaan”.

Wie waren onder anderen die volhouders en doorzetters? Johan Krop, Robbert van Gom, Hennie Geel, Cor Peil, Jan en Suze Volkers, Wouter Versteeg, Gerrie Singer, Chris Schut, Joke en Günther Stomp, Peter Otto, Richard Slikker, Evert van Oostrom, Rick en Mary Smith, Jan Disseldorp, Hanneke en Rolf Bitter, Ome Willem Bavel, Thea Laan, Jan Voorn, Ben Benner, Karel Metz en de AGT-biljarters, Ton Verlaan, Jimmy Lo-A-Sioe, Mike en Bianca Deville, Bart van den Broek, Frans Kreekel en Marcel de Wolff.

(Een lange lijst. We hebben getwijfeld: wel of geen namen noemen? Maar géén namen noemen doet geen recht aan degenen die bleven volhouden toen het steeds moeilijker werd. Ere wie ere toekomt. En misschien — of beter gezegd: vrijwel zeker — zijn we diehards vergeten die zich jarenlang vrijwillig en met volle inzet hebben ingezet om de club overeind te houden. Laat het ons weten.)

Een tweede reden waarom SDW de moeilijke jaren heeft overleefd, is de zuinige koers die deze arbeidersclub altijd heeft gevaren. Zo min mogelijk schulden maken, rekeningen op tijd betalen en zoveel mogelijk zelf doen — ook als dat betekende dat er ’s avonds nog moest worden doorgewerkt. In 1973 werd het clubgebouw dankzij veel zelfwerkzaamheid schuldenvrij opgeleverd. Dat heeft SDW later geholpen in moeilijke gesprekken met de gemeente.

In 2008 schrikt SDW alsnog van de financiële situatie. Er wordt besloten nog maar één veld te huren, een goedkopere trainer aan te stellen en voormalige sponsors te mobiliseren om openstaande facturen te helpen aflossen.

Een derde belangrijke factor in het voortbestaan van SDW was dat de club op Sportpark Spieringhorn voortdurend mogelijkheden zocht én vond om andere verenigingen gebruik te laten maken van de accommodatie. Dat had meerdere voordelen: meer gezelligheid en leven op het complex, broodnodige extra inkomsten, een betere benutting van de velden én het voorkomen dat de gemeente SDW van het sportpark zou verwijderen.

Welke samenwerkingen met andere verenigingen zijn er in de loop der jaren geweest?

  • Jaren ’80 en ’90 – Onderhuurders zoals Al Achbal, DWSV ’61 en Watapana Boys.
  • 1995 – Afspraak met Zwarte Schapen over het gebruik van het hoofdveld van SDW.
  • 1998 – Het tweede zaterdagteam bestaat uit homoseksuele spelers, die in dat jaar als Nederlands elftal deelnemen aan de Gay Games in Nederland.
  • 2001 – Biljartvereniging AGT gaat gebruikmaken van het clubgebouw van SDW.
  • 2002 – Afspraak met Türkiyemspor over het gebruik van het hoofdveld en het clubgebouw van SDW.
  • 2003 – WK Paintball bij SDW.
  • 2005 – American footballclub Panthers bij SDW.
  • 2006 – Afghaans elftal bij SDW.
  • 2010–2012 – Hockeyclub AMHC Westerpark maakt gebruik van het clubgebouw.
  • Door de jaren heen wordt de accommodatie daarnaast gebruikt voor schoolsportdagen, de jaarlijkse Boersma-toernooien, SITA-sportdagen en het GTI- en GWA-toernooi (uit jubileumblad 100-jarig bestaan, 2007).

Deze samenwerkingsverbanden zeggen ook iets over de identiteit die SDW toen had — en nog steeds heeft: een club met een familiegevoel, een plek waar iedereen zich thuis kan voelen en waar iedereen welkom is.s over de identiteit van SDW.die SDW had en nog steeds heeft. Familiegevoel, thuisgevoel, iedereen welkom.

Vanaf 2001, inmiddels 25 jaar, biljarten bij SDW, op de foto onder andere Rein Breebaart en Fred de Wit.
2003 WK Paintbal bij SDW

De handbaltak van SDW overleefde het helaas niet

Ook de handbaltak heeft er alles aan gedaan, maar in 2004 viel het doek. Het is nog steeds erg jammer dat de handbaltak van SDW het niet heeft overleefd. Voor de familieclub was de combinatie van voetbal en handbal een ideale mix.

Vanaf het begin van de jaren zeventig bloeide het handbal, met name onder leiding van trainster Henny Lanzaat-Thiry, uit tot een grote en succesvolle afdeling binnen SDW. Rond haar stond een grote groep vrijwilligers klaar: bestuursleden, trainers, begeleiders van de teams en organisatoren van de vele sportreizen. Zowel senioren (dames en heren) als jeugdteams in alle leeftijdsgroepen speelden hun wedstrijden voor SDW op het grasveld, maar van ongeveer oktober tot en met maart ook in de sporthal.

Op het hoogtepunt, eind jaren zeventig, telde de handbalafdeling 180 spelende en ondersteunende leden. Daarna kreeg ook de handbaltak het steeds zwaarder. De band met sportpark Spieringhorn beperkte zich op trainingsavonden en speeldagen tot de periode van de lente tot halverwege de herfst. Daarom bestond al lange tijd de wens om op Spieringhorn een eigen sporthal te realiseren. Die sporthal is er helaas nooit gekomen. Dat was een van de redenen waarom de groei van de handbalafdeling uiteindelijk stagneerde en het ledental terugliep.

Daarna ging het bergafwaarts en vanaf de eerste helft van de jaren negentig bleef nog slechts één damesteam over. Dit team hield het, in wisselende samenstelling, vol tot en met het seizoen 2004-2005. Daarmee kwam in 2005, na 46 jaar, een einde aan het handbal bij SDW.

Eén van de laatste SDW handbalteams
Henny Lanzaat-Thiry was vanaf begin jaren ’70 trainster en een belangrijke inspirator achter de bloei van het handbal bij SDW (tevens international).

Geen handbal meer, hoe is het met de jeugd rond die tijd (2005)

Rond 2005 zijn er 5 pupillenteams en 5 juniorenteams. Dat lijkt wat perspectief te bieden. Maar het aantal juniorenteams kalft de jaren erna snel af. Onderstaande foto laat de D-pupillen van SDW zien in 2006.  Door de te weinig leden in de hogere leeftijdscategorieën, hebben zij helaas nooit in de senioren bij SDW kunnen spelen. Waar zouden ze nu voetballen, zo’n 20 jaar later?

2006 SDW D-pupillen

Het SDW-veteranenteam gaat door tot het “bittere einde”

Met wat jeugdteams en een veteranenteam werd het voetbalschip drijvend gehouden. Dit veteranenteam heeft een belangrijke bijdrage geleverd dat er leven blijft in de club. Het bestaat uit oud 1e elftalspelers, die ook in de jeugd al bij SDW hebben gespeeld. We noemen ze maar even “Richard Slikker en zijn mannen”.  Zij blijven spelen, zij blijven trainen en runnen de kantine. Een hecht team met echte SDW’ers die onder andere wedstrijden speelt in Marokko en Barcelona. In 2010 organiseren zij een veteranentoernooi bij SDW.  Op youtube zijn de toernooibeelden bewaard gebleven. Kijk hier.

In deel 3 komen we de meesten nog steeds tegen, want nu, in 2026, zo’n 16 jaar later, speelt de kern nog steeds bij SDW als 50-plussers.

2012 Het SDW-veteranenteam speelt een wedstrijd in Marakesh

Bij SDW is het tientallen jaren traditie geweest dat oud-SDW tegen het huidige SDW speelt op nieuwjaarsdag.  De laatste keer dat deze wedstrijd gespeeld kon worden, was in 2013. De eerdergenoemde veteranen speelden tegen de oud-veteranen.

2013 nieuwjaarswedstrijd SDW veteranen tegen de oud-veteranen

Maar hoe lang kon SDW het redden met slechts 95 leden?

De volhouders hebben jarenlang alles op alles gezet om de club overeind te houden, in de hoop — en misschien ook de verwachting — dat de groei ooit zou terugkeren. En die groei kwam er inderdaad. Waren er in 2010 nog maar 95 leden en stond SDW op sterven na dood, in 2026 telt SDW ongeveer 1.200 leden, waaronder meer dan 100 MINI’s (5- en 6-jarigen). Dat is bijna onvoorstelbaar.

In het derde en laatste deel van dit drieluik onderzoeken we waardoor SDW toch weer heeft kunnen groeien. Ook vertellen we waar SDW nu staat, waar de club trots op is en welke dromen er nog leven voor de toekomst.

Met veel dank aan allen die hebben meegewerkt, speciale dank aan Atie Schut.

Atie Schut met rechts oud arbiter Bep Thomas (81), ooit spelend SDW-lid en aanvoerder rond 1967 en daarna een bekend scheidsrechter. Hij floot o.a. de wedstrijd in de Kuip met het bekende ‘Polletje’ van Hans van Breukelen op 12 april 1987. In het duel Feyenoord-PSV (in het seizoen 1986-1987) wil Hans van Breukelen de bal terug in het spel brengen, maar een graspolletje gooit roet in het eten.
Blijf op de hoogte en volg ons via Facebook, Instagram en Twitter!
Bezoek ook de clubpagina(s)
SDW