JOS Watergraafsmeer effectief naar bekerfinale. Adomako nuchter na bekerzege: “Ik moet laten zien dat ik eerste keeper kan én wil zijn”

In lauwe halve finale in Alkmaar maakt ploeg uit de Watergraafsmeer na rust het verschil. Finale tegen Ajax een Amsterdams onderonsje

In een duel die lange tijd meer weg had van een afscheid testimonial dan van een zinderende bekerhalve finale, heeft JOS Watergraafsmeer zich zaterdagmiddag geplaatst voor de eindstrijd van het bekertoernooi. Op bezoek bij AFC ’34 werd het 0-2, in een duel dat pas na rust echt wat kleur kreeg. Daarmee mag JOS zich opmaken voor een finale in Amsterdam tegen competitiegenoot Ajax.

De ploeg van trainer Richard Plug begon met maar één duidelijk doel, namelijk de bekerfinale bereiken. Alle remmen los, geen enkele reservering met het oog op een mogelijke titel. Met onder anderen Tony Tol en Dennis Kaars in de basis, koos JOS voor ervaring en discipline. Doelman Magdie Adomako kreeg de voorkeur van Plug onder de lat.

Tony Tol keerde terug in de basis

Geen tempo

De openingsfase was tekenend voor de rest van de eerste helft: voorzichtig, aftastend en zonder al te veel tempo op een warm en niet gesproeide kunstmat. De eerste mogelijkheid was na tien minuten voor JOS, toen Jeremy de Graaf de bal doorkopte in het vijandelijke zestienmetergebied, maar Kaars kreeg zijn voet er niet goed onder.

AFC ’34 kwam daarna iets vaker op de helft van JOS, maar echt heel gevaarlijk werd het zelden. Een kopkansje na achttien minuten en een dreigend misverstand achterin bij JOS tussen doelman Adomalo en Tyrese Gemert zorgden voor wat lichte opwinding, maar grote kansen bleven uit. Het duel miste vuur, iets wat ook het jonge publiek leek te voelen: de kartonnen klappers maakten meer indruk dan het spel op het veld.

Vriend en vijand oordeelden: strafschop!

Schwalbe?

Halverwege de eerste helft moest Adomako voor het eerst serieus ingrijpen op een schot van Viggo Lassing. De JOS-doelman deed dat vakbekwaam en hield zijn ploeg overeind. Even later ontstond er een discutabel moment rond Dennis Kaars. Na een diepe bal kwam hij in botsing met doelman Mika Spigt van AFC ’34 en ging naar de grond. Scheidsrechter Mark Oudendag zag er een schwalbe in en bestrafte Kaars met geel en een tijdstraf, waardoor JOS Watergraafsmeer tijdelijk met tien man verder moest. Het leidde tot veel onbegrip bij de Amsterdammers.

In die fase kreeg AFC ’34 een paar mogelijkheden, waaronder een vrije trap van Lassing die ver over ging richting buurtgemeente Heiloo en een grote kans voor Tom Kerssens, die echter vol over de bal maaide en daarna redde Adomako. JOS hield stand en kwam op het moment dat het weer compleet was, direct tot scoren. Martin Campbell haalde van afstand verwoestend uit en liet doelman Spigt kansloos: 0-1.

0-1: Campbell viert zijn prachtige goal

Beslissing

Na de pauze bracht JOS vers bloed met Randy Schiltmeijer en Yamiro Macrander voor Kaars en Tol. De ploeg uit Watergraafsmeer kreeg meer grip op de wedstrijd en controleerde het tempo. Waar AFC ’34 voor rust nog enigszins dreigend was, kwam het langere tijd na de onderbreking nauwelijks meer in het stuk voor.

Na een klein uur spelen viel de beslissing. Een wat fortuinlijke aanval via De Graaf belandde uiteindelijk bij Jurre Duijn, die het overzicht behield en de bal uitstekend afgaf op Campbell die zijn tweede van de middag mocht vieren. Vanaf dat moment leek de wedstrijd gespeeld. JOS was veel dreigender en de 0-3 hing zelfs even in de lucht, al bleef AFC ’34 via hoekschoppen wel mogelijkheden creëren.

JOS hoefde niet meer en AFC ’34 kon niet. Trainer Plug greep de gelegenheid aan om door te wisselen, maar zag zijn ploeg steeds flegmatieker worden. Met name AFC ’34 aanvoerder Gijs Brouwer kreeg nog een enorme kopkans namens de Alkmaarders, maar hij wist niet te scoren.

0-2

Geen genadeklap

Even later moest ook AFC ’34 met tien man verder na een schwalbe, opnieuw bestraft door Oudendag. Opvallend genoeg kwam de thuisploeg in ondertal nog dicht bij de aansluitingstreffer, maar Brouwer lobde de bal naast het doel. JOS verzuimde in die fase de genadeklap uit te delen en verzandde in onnodige duels en veel, heel veel, slordigheden.

In de slotfase probeerde AFC ’34 nog wel iets aan te zetten, maar het échte geloof in een resultaat ontbrak. JOS speelde de wedstrijd zakelijk uit en hield de 0-2 voorsprong vast, mede dankzij enkele solide reddingen van Adomako. Na het laatste fluitsignaal was de conclusie helder: geen grootse wedstrijd, wel een prima overwinning. JOS Watergraafsmeer staat in de finale – en daarin wacht het affiche tegen Ajax op het terrein van AFC. Speeldag: woensdag 13 mei.

Show

Met enkele belangrijke reddingen hield Adomako zijn ploeg op de been in een fase waarin AFC ’34 aandrong, maar na afloop bleef hij vooral nuchter onder de 0-2 overwinning van JOS Watergraafsmeer. Op het Alkmaarse sportpark blikte hij terug op zijn optreden én zijn rol binnen het team. “Mijn beste actie? Die hakbal,” zegt hij met een glimlach, om zichzelf direct serieus te corrigeren. “Nee, dat was zeker niet. Dat was meer voor de show. De trainer vind het niet goed dat ik dat doe. Ik dacht wel dat het kon, deze ingeving, met nog een minuut op de klok.”

Serieus wordt Adomako als het over de gehele wedstrijd gaat. Vooral in de eerste helft moest hij een paar keer handelend optreden. “Lastig in de eerste helft? Ja, ik zag wel flink wat ballen op mij afkomen. Maar daar ben ik keeper voor. Dat is waar ik voor sta,” stelt hij nuchter.

De doelman deelt dit seizoen zijn minuten regelmatig met collega-keeper Abdel el Ouazzane , iets wat volgens hem vraagt om een andere mindset. “Ik speel af en toe, Abdel meer. Als keeper wil je altijd spelen, minuten maken. Dat is gewoon zo. Voor mij is het belangrijk dat ik die minuten krijg en mijn kansen pak.” Juist daarom waren dit soort wedstrijden voor hem extra belangrijk. “Vorig seizoen heb ik niet veel gespeeld. Dan wil je in de wedstrijden die je wél speelt laten zien wat je kan. Ik wil en moet laten zien dat ik de eerste keeper kan zijn – en ook wil zijn. Zo houd ik mezelf scherp.”

Over zijn eigen optreden is hij realistisch. “Het kon tegen AFC ’34 wel wat scherper misschien, maar ik vond dat ik een prima pot heb gespeeld. Soms mis je een beetje wedstrijdritme, dat merk je wel. Maar dat is het dan ook.” Hoewel JOS uiteindelijk met 0-2 won, benadrukt Adomako dat het zeker geen gelopen koers was. “In de tas na de 0-2? Nee, dat was zeker niet. Je zag dat we het op een gegeven moment moeilijker kregen, vooral in de fase dat wij een man meer hadden. Zij drukten ons naar achteren. Dan is het belangrijk dat je als team én als keeper scherp blijft.”

Die scherpte zal ook nodig zijn in wat mogelijk volgt: de bekerfinale tegen Ajax. Adomako kijkt er met vertrouwen naar uit. “Ik denk dat we ze alle vier gaan pakken,” zegt hij, ook doelend op de resterende drie competitiewedstrijden van het seizoen. “Vier finales winnen. Daar gaan we voor.”

Trainer Plug kritisch ondanks finaleplaats: “Doel bereikt, maar deel van de tweede helft echt niet goed”

Waar de blijdschap bij de meegereisde JOS Watergraafsmeer supporters na het bereiken van de bekerfinale niet onder stoelen of banken werd geschoven, bleef trainer Richard Plug opvallend nuchter en had een kritische noot te kraken. In het Alkmaarse zonnetje van AFC ’34 keek hij verder dan alleen de 0-2 overwinning en schetste hij een eerlijk beeld van zijn ploeg in de slotfase van het seizoen.

“Ik zie aan mijn ploeg dat het de laatste loodjes zijn,” begint Plug. “We krijgen nog vier loeizware wedstrijden en ik merk gewoon dat een aantal jongens aan het einde van hun seizoen zit. Dan moet je (straks) ook een beetje geluk hebben dat we er goed doorheen komen.”

Belasting

De fysieke belasting begint zijn tol te eisen, zo legt hij uit. “We hebben bijvoorbeeld afgelopen dinsdag en donderdag maar half kunnen trainen. Die enorme inspanning tegen Purmersteijn heeft echt sporen nagelaten. Dat neem je mee richting de wedstrijd tegen AFC ’34.”

Zijn keuzes voor de basiself waren volgens Plug echter niet ingegeven door vermoeidheid. “Nee, zeker niet. Ik had dit al ruim van te voren aangekondigd. Iedereen die bij mij in de selectie zit, is volwaardig en kan spelen. Ik denk ook mee als mens: je bent goed genoeg om te spelen, dus dan stel ik je op. Als dat niet zo is, dan zeg ik het ook en dan neem ik je niet mee. Dat is wel zo eerlijk.”

Plug wond zich regelmatig op

Naar behoren gedaan

Daarbij wijst hij ook op het verschil tussen jongere en meer ervaren spelers als het gaat om zaken als ritme, belasting en belastbaarheid. “Dennis Kaars en Tony Tol, op die leeftijd en met weinig ritme, dat is anders dan jongens als Thijs Haarman en Nassim Kattouss die het makkelijker oppakken. Die hebben het ook zeer naar behoren gedaan. Tony kreeg last van zijn kuit die volliep in de eerste helft en Dennis… die maakt nog steeds fantastische loopacties maar kreeg gewoon een enorme schop op die enkel.”

Plug kan het niet laten om te filosoferen. “Als ik jongens als Tony, Jeremy de Graaf en Dennis op hun 27e had gehad, waren we dit seizoen al vijf duels geleden kampioen geweest. En dat zeg ik met alle respect hoor. Maar dat speelt wel mee.”

Jeremy de Graaf

Aan puin

Toch ging het in de rust en na afloop ook veel over een moment in de eerste helft, toen Kaars na een duel met de AFC ’34 keeper werd bestraft voor een schwalbe en tien minuten naar de kant moest. Plug was zichtbaar geïrriteerd. “Dat is gewoon een 100 procent strafschop. Zijn enkel ligt bijna aan puin en dan krijg je geel en tien minuten straf. Schandalig. Dat je die penalty niet ziet, ok dat kan, maar wel een schwalbe… dan moet je echt naar de opticien.”

Zijn frustratie richtte zich niet alleen op de scheidsrechter in het veld. “Die grensrechters ook. Wat je allemaal wel en niet mag… en dat in een tien minuten durende ‘preek’ voor de wedstrijd. Daar word ik heel allergisch van, let maar vooral op het spel denk ik dan. Misschien is het ook de leeftijd, dat ouder worden,” zegt hij met een flauwe glimlach.

Ondanks ‘alles’ staat JOS wel in de finale. “Ja, dat doel is bereikt,” erkent Plug. “Maar de tweede helft… we hebben veel te veel weggegeven. Niet goed gespeeld. Dan ben ik vlak na afloop. Ik zeg gefeliciteerd tegen de jongens en we gaan door, maar het was niet goed.” Met name de fase waarin JOS met een man meer speelde, stemde hem ontevreden. “Tien tegen elf en dan speel je het zo uit… dat was dramatisch. AFC ’34 krijgt nog gewoon goede kansen. Dat mag niet. Ze hebben goede spelers hoor. En heel eerlijk: vorige week zat er bij mij ook veel meer leven in, getuige ook de terechte gele kaart die ik kreeg. Toen was ik na afloop echt enorm trots. Tegen Purmersteijn was alles goed.”

De vraag of hij geniet van het succes, levert weer een eerlijk antwoord op. “Te weinig. Dat zit niet zo in mij. Het is de aard van het beestje. Ik doe mijn werk en wil dat zo goed mogelijk doen. En je hebt pas wat als je een echte prijs pakt.” Even wordt Plug persoonlijk. “Ik lag laatst in bed en zag op Facebook beelden van het kampioenschap met ODIN ’59, tien jaar geleden. Dat was wel mooi. Misschien geniet ik inderdaad veel te weinig… misschien ook door wat er met mijn vader is gebeurd vorig jaar.” De trainer blijft ambitieus, maar ook realistisch. “Het zou geweldig zijn als we nu de titel pakken. Kampioen worden, dat zou ook een mooie ode zijn. Maar zo werkt het leven niet altijd.”

Met nog vier zware wedstrijden te gaan, blijft Plug messcherp. “We doen al twee jaar mee tot het einde. Dat was bij ODIN ’59 ook al zo. Misschien moet ik geen trainer worden in de derde divisie,” zegt hij met een knipoog. “De vierde divisie ligt me blijkbaar goed.” Een lach volgt, maar de boodschap is duidelijk: de bekerfinale is binnen, maar voor Plug telt uiteindelijk maar één ding – prijzen ophalen!

Van onze verslaggever

Foto’s: Guido Damsteeg

Blijf op de hoogte en volg ons via Facebook, Instagram en Twitter!