Peter Brink over de Reis van de (Amsterdamse) Held
PROLOOG
Ik hoor Jan Mulder al kreunen.
Zo’n diepe, bijna lichamelijke kreun die alleen Jan Mulder op televisie kan produceren als hij iets werkelijk mooi vindt.
Ogen halfdicht. Hoofd iets naar achteren.
‘Prach-tig.’
Want dan wordt het trainers-cv van Leeroy Echteld voorgelezen.
- Blauw-Wit
- DWV
- DVC Buiksloot
- Zeeburgia
- AZ
- Paris Saint-Germain B
- PEC Zwolle, assistent en interim-trainer
- FC Emmen, assistent en stagiair
- De Treffers
- Jong Oranje, assistent van Michael Reiziger
- Jong AZ
- AZ. Hoofdtrainer
Prach-tig!
De ene dag stuurt Lee-Roy een ansichtkaart uit Parijs. Een week later is hij weg van de glamour van de lichtstad, spreekt hij Sallands in Zwolle en daarna Drents in Emmen.
Wat een schoonheid, dat cv van Lee-Roy.
Als je het achter elkaar zet, denk je toch:
Hoe is het in vredesnaam mogelijk dat deze man nu hoofdtrainer van AZ is?
Anthony Correia heeft trouwens ook een prachtig cv.
- Assistent bij De Kennemers
- VVH Velserbroek
- IJmuiden
- ODIN ’59
- Katwijk
- Telstar als assistent-trainer
- Telstar als hoofdtrainer
- FC Utrecht
Anthony pakte hier en daar een titel.
Lee-Roy had minder van die keurige vinkjes. Inmiddels heeft hij ze wel.
Zijn cv lijkt meer op de routebeschrijving van een spookrijder.
Linksaf.
Achteruit.
Een afwijzing.
Een dubbele baan.
Nog een cursus.
En uiteindelijk:
AZ.
Hoofdtrainer.
DE OPROEP
Dat vind ik mooi.
Niet omdat zijn cv beter is dan dat van Anthony – die had ook dubbele banen.
Maar omdat het meer emotie heeft.
Meer rafelrand.
Meer momenten waarop je denkt:
Waar ben ik nu eigenlijk mee bezig?
Lee-Roy wilde verder.
Hij wilde de hoogste trainerscursus halen.
En toen kwam er weer zo’n dure cursus.
Lee-Roy verkocht zijn auto om in zichzelf te kunnen investeren.
Dat vind ik prach-tig.
Niet vanwege die auto.
Vanwege wat erachter zit.
Hij wist niet zeker of het zou lukken.
Maar hij geloofde blijkbaar genoeg in zichzelf om er iets voor op te offeren.
Dat is iets anders dan talent hebben.
Dat is willen.
Geloven in jezelf terwijl je nog geen bewijs hebt dat je gelijk krijgt.
DE WEIGERING
Lee-Roy werd meerdere keren afgewezen voor de hoogste trainerscursus. Joseph Oosting, Edwin Grünholz en Pascal Bosschaart overkwam hetzelfde.
In Zeist moet je natuurlijk wel in het pulletje vallen.
Daar zien ze meer in een type dat een PowerPoint-presentatie kan maken waarop de pijltjes precies de goede kant op wijzen.
Lee-Roy is geen PowerPoint-man.
Hij had dubbele banen.
Hij moest wachten.
En dus kwam er weer een afwijzing.
De weg omhoog liep niet rechtdoor.
DE MENTOR
En dan denk ik aan Louis van Gaal.
Ik zag Louis eind jaren zeventig bij Telstar spelen.
Toen was hij nog een gewoon mens.
Soms leek zijn hoofd sneller dan zijn lichaam.
Niet snel.
Wel slim.
Misschien was dat als speler een beperking.
Lee-Roy was ook zo’n speler.
Later werd het als trainer een wapen.
En nu adviseert Louis Lee-Roy.
Dat vind ik nogal wat.
Want dan moet je luisteren.
Lee-Roy heeft trouwens meer leermeesters gehad.
Gerard van der Lem.
Foppe de Haan.
Piet van Deudekom.
Lee-Roy speelde voor sc Heerenveen, maar kwam op vrijdag voor de wedstrijd naar IJmuiden.
IJmuiden was bekend om de vis, Tata Steel en de tocht. En inmiddels om Telstar.
Hij kwam naar de sportschool van Piet voor een massage. Om zijn spieren los en zijn hoofd leeg te maken.
Dat zegt ook iets over Lee-Roy als speler.
Hij had hoger kunnen komen, zeggen mensen die hem goed kenden.
Maar hij was onrustig.
Te veel aan en in zijn hoofd.
Te veel randzaken.
Misschien was hij toen al bezig met dingen waarmee hij later als trainer juist beter leerde omgaan.
In zijn boek/film ‘De weg van de vreedzame krijger’ beschrijft Olympisch goudenmedaillewinnaar Dan Millman identieke situaties. https://www.youtube.com/watch?v=20Slj87N3Ao
Het gaat ook over die onrust.
Niet voortdurend bezig zijn met wat er straks kan gebeuren, maar met wat je nu moet doen.
In het moment zijn.
Dat klinkt simpel.
Voor een voetballer is het dat niet.
Lee-Roy zegt zelf dat hij als trainer rustiger wordt onder druk.
Als speler had hij die rust niet.
Ouder worden heeft soms een voordeel.
Het helpt om situaties een paar keer mee te maken.
En misschien is dat wel zijn hele ontwikkeling in een paar zinnen.
Als speler moest zijn hoofd nog leren waar zijn lichaam mee bezig was.
Als trainer weet hij inmiddels beter waar hij zijn hoofd moet hebben.
DE TEST / SELECTIEDREMPEL
En dan begint de echte test.
Niet alleen in Zeist.
Ook op al die plekken waar Lee-Roy moest werken, wachten, leren en zichzelf bewijzen.
Van Blauw-Wit tot Buiksloot.
Van Parijs tot Zwolle.
Van Emmen tot Jong Oranje.
Van De Treffers tot AZ.
Dat leer je niet alleen op de KNVB Academie.
Het vak leer je ook op een winderige donderdagavond.
Met je poten in de modder.
Bij Buiksloot.
Bij de club die tegenwoordig weer de prachtige naam De Volewijckers draagt.
Daar moet je soms eerst maar eens kijken hoeveel spelers er überhaupt zijn.
En daarna moet je ze nog zover zien te krijgen dat ze willen trainen.
Daar leer je communiceren.
Daar leer je omgaan met excuses.
En voetballers zijn goed in excuses.
Een verjaardag van de vriendin.
Een relatie die net uit is.
Een nieuwe relatie die iets ingewikkelder ligt.
Je kunt het zo gek niet bedenken.
Lee-Roy was zelf als speler ook geen makkelijke jongen.
Misschien helpt dat.
Hij weet dat achter lastig gedrag vaak iets anders schuilgaat: angst, onzekerheid of onvolwassenheid. Een smoes, een grote mond, weerstand of weglopen kan soms gewoon een manier zijn om jezelf te beschermen.
Lee-Roy prikt daar waarschijnlijk sneller doorheen.
Maar hij weet ook dat achter dat gedrag uiteindelijk gewoon een mens zit.
En misschien is dat wel mensenkennis: niet alleen zien wat iemand doet, maar ook proberen te begrijpen waarom hij het doet.
DE OMSLAG
Foppe zei het eigenlijk precies:
Lee-Roy heeft kijk op voetbal.
En zeker op mensen.
Dat laatste vind ik misschien nog belangrijker.
Want voetbal leren zien is één ding.
Mensen leren zien is iets anders.
Bij AZ is alles aanwezig.
Goede velden.
Materialen.
Begeleiding.
Data.
Analisten.
Een medische staf.
Ook wordt Lee-Roy begeleid in zijn contact met de media.
En in de organisatie, maar ook daarbuiten, loopt een postbode rond.
Die ervaring komt ook van pas.
Een postbode kent de weg.
Hij weet wanneer hij met zijn pakket moet doorlopen en zijn mond moet houden.
De postbode weet ook wanneer hij beter even kan aanbellen.
En als je als trainer denkt dat je het allemaal wel aardig hebt uitgedokterd, houdt hij je een spiegel voor.
‘Weet je het zeker?’
Dat is goud waard.
Niet omdat Leeroy onzeker is.
Integendeel.
Hij is behoorlijk zeker van zichzelf.
Maar juist iemand die zeker is, moet af en toe durven twijfelen.
Door twijfel kun je sterker worden.
Bijvoorbeeld als je voor de Johan Cruijff Schaal toch wat aanvallender wilt spelen.
Zo’n spiegel is goud waard.
Zeker als je luistert.
Want een goede trainer heeft niet alleen mensen nodig die zeggen dat hij het goed doet.
Hij heeft ook iemand nodig die af en toe zegt:
‘Ho, wacht even.’
En misschien is dat wel precies wat Lee-Roy zelf ook probeert te doen.
Hij noemt zichzelf een sportromanticus.
Tijdens een trainingskamp op de Veluwe liet hij de spelers de film Miracle zien, over het Amerikaanse ijshockeyteam dat in 1980 tegen alle verwachtingen in olympisch goud won door favoriet de Sovjet-Unie te verslaan.
Niet omdat een film een wedstrijd wint.
Maar omdat je spelers soms iets anders moet geven dan data en tactiek.
Een verhaal.
Een droom.
De film is gebaseerd op de archetypische reis van de held van Joseph Campbell.
Beelden werken vooral goed bij visueel ingestelde mensen en raken het onderbewuste.
Het gevoel dat er iets mogelijk is wat op papier eigenlijk niet mogelijk is.
AZ heeft niet het grootste budget.
Maar won wel de Johan Cruijff Schaal.
Vandaar.
DE DOLK
Misschien zit de dolk van Lee-Roy wel in zijn eigen verleden.
In het feit dat hij als speler hoger had kunnen komen.
In de onrust.
In het hoofd dat soms te veel bezig was met alles behalve het moment.
In de afwijzingen voor de trainerscursus.
In het wachten.
In het steeds opnieuw moeten bewijzen dat hij er wél bij hoort.
Lee-Roy weet zelf hoe het voelt om iets te willen wat volgens anderen misschien niet helemaal voor hem was weggelegd.
De hoogste trainerscursus.
Hoofdtrainer worden.
AZ.
Dat maakt zijn route ook persoonlijk.
Hij verkoopt geen droom omdat hij die uit een PowerPoint-presentatie heeft gehaald.
Hij heeft er zelf jarenlang achteraan gelopen.
HET ELIXER
Misschien is dat ook waarom hij spelers kan raken.
AZ leidt niet alleen spelers op.
Ook trainers.
Lee-Roy neemt zijn modder van Buiksloot mee naar Alkmaar.
AZ geeft hem de rest.
Wat hij onderweg heeft geleerd, kan hij nu aan anderen meegeven.
Rust.
Twijfel.
Mensenkennis.
Een verhaal.
Een droom.
En vooral: weten dat een speler soms meer nodig heeft dan data en tactiek.
In ‘Peaceful Warrior’ is de rode draad:
‘It’s not the destination, it’s the journey that brings happiness’.
DE TERUGKEER
Een omweg voelt onderweg namelijk nooit als een omweg.
Pas achteraf zie je de route.
En misschien had Lee-Roy die route wel nodig.
Want op de bestemming leer je weinig meer.
Onderweg gebeurt het.
Daar leer je jezelf kennen.
Daar leer je mensen kennen.
Daar word je trainer.
TERUGKEER NAAR HET LICHT
Anthony Correia heeft een mooi cv.
Lee-Roy Echteld heeft een mooier cv.
Niet omdat er grotere namen op staan.
Maar omdat achter bijna iedere regel een verhaal zit.
Een rechte lijn is voor linialen.
Een mensenleven hoort een beetje te slingeren.
‘Prachtig.’
De reis van de held
Wie nog nooit van de Reis van de Held heeft gehoord, hoeft niet meteen naar de boekenkast te rennen.
De Amerikaanse schrijver en mytholoog Joseph Campbell ontdekte dat veel verhalen, mythen en films in de kern hetzelfde patroon volgen. Een hoofdpersoon begint ergens, krijgt een oproep, wordt op de proef gesteld, ontmoet mentoren, gaat onderuit, verandert en keert uiteindelijk terug als iemand die iets heeft geleerd.
Denk aan Superman.
Ook hij begint niet als de Superman die we kennen. Hij wordt opgeroepen, verlaat zijn vertrouwde wereld, komt obstakels en tegenstanders tegen, leert, verandert en keert uiteindelijk terug om anderen te helpen.
Of neem Neo uit The Matrix.
Hij begint als Thomas Anderson, een man die voelt dat er iets niet klopt. Dan verschijnt Morpheus. Neo krijgt een keuze: de blauwe pil of de rode pil. Hij kiest de rode.
Vanaf dat moment begint zijn reis.
Hij wordt getest, maakt fouten, krijgt mentoren, gaat onderuit en ontdekt uiteindelijk dat hij zelf moet veranderen. De grootste strijd blijkt niet alleen met de wereld om hem heen te zijn, maar ook met wat hij zelf denkt dat hij kan.
Thomas Anderson wordt Neo.
De held is aan het einde niet meer dezelfde persoon als aan het begin.
Hollywood heeft die route inmiddels honderden keren bewandeld. Veel films zijn gebouwd op onderdelen van diezelfde Reis van de Held.
En eigenlijk geldt dat ook voor voetballers.
Want ook een voetballer begint ergens. Met een droom. Dan komen de selecties, de afwijzingen, de trainers, de blessures, de verkeerde keuzes, de omwegen en de momenten waarop je jezelf opnieuw moet uitvinden.
Sommigen halen de top.
Anderen niet.
Maar ook iemand die uiteindelijk hoofdtrainer van AZ wordt, heeft onderweg eerst ergens moeten beginnen.
Daarom kun je de carrière van Lee-Roy Echteld ook lezen als een Reis van de Held.
Deze column leest gewoon als een voetbalcolumn. Over Lee-Roy. Over voetbal. Over trainers. Over AZ.
Maar wie alleen even naar de tussenkoppen kijkt, ziet een tweede verhaal.
Proloog. De oproep. De weigering. De mentor. De test. De selectiedrempel. De omslag. De dolk. Het elixer. De terugkeer. Terugkeer naar het licht.
Dat zijn de stappen die de held onderweg moet zetten.
Niet iedere held draagt een cape.
Sommige dragen een trainingspak.
En soms begint de reis gewoon in Buiksloot.

Het Amsterdamsche Voetbal Doelgericht