Door: Robin Punt
Het einde van het seizoen is gekomen. De laatste fluitsignalen klinken aanstaande zaterdag- en maandagmiddag. De nacompetities staan daarna voor de deur. Normaal gesproken is dit ook de periode waarin langzaam dat oranjegevoel begint te kriebelen. Terrassen vol. Slingers ophangen. Hele straten in het oranje. Cafés die worden omgetoverd tot mini-Johan Cruijff Arena’s.
Maar eerlijk? Voel jij het al? Ik namelijk niet.
Misschien omdat het WK straks ergens in Trump-land wordt gespeeld. Half in Mexico, half in Amerika, op tijden waarvan je denkt: wie heeft dit bedacht? Tien uur ’s avonds vooruit, prima. Maar één uur ’s nachts?
Ga ik serieus mijn wekker zetten voor Nederland – Tunesië? Lig ik dan met een bak chips op schoot naar een groepswedstrijd te kijken terwijl ik de volgende ochtend om half acht alweer wakker ben? Nou…misschien ben ik dan toch niet zo’n diehard voetbalfan als ik dacht.
Kijk, in Café De Zwaan in Ransdorp hangen we straks natuurlijk gewoon de slingers op. Dat hoort erbij. Het café leeft van voetbal, gezelligheid en hoop. Dus ja, die hele tent gaat weer oranje kleuren. Mensen willen samen kijken, schreeuwen, discussiëren en achteraf roepen dat ze het “allang hadden gezegd”.
Maar dat echte WK-gevoel? Dat we-worden-wereldkampioen-gevoel? Nee. Nog niet.
Misschien komt dat pas als Nederland de poulefase overleeft. Want laten we eerlijk zijn: wij Nederlanders worden pas enthousiast zodra we denken dat er écht iets te halen valt. En anders? Dan begint het gezeur alweer. Over de bondscoach bijvoorbeeld.
Ik zal eerlijk zijn: ik heb er ook niet zoveel mee. Altijd een beetje hetzelfde. Altijd veilig. En dan zo’n interview over Veerman bij PSV…Jongen, jongen, jongen. “Ligt aan zijn karakter.” Tja. Later zei hij zelf dat het misschien niet zo chique was. Nou, dat klopt inderdaad. Hij hoort er wat mij betreft gewoon bij. En als we het dan toch over karakter hebben: beter Lang meenemen dan thuislaten.
Ondertussen eindigt ook ons eigen seizoen weer. Voor veel scheidsrechters begint nu juist het mooiste gedeelte: de nacompetitie. De finales. De beslissingswedstrijden. De echte druk. Normaal gesproken de kers op de taart. Alleen…dit jaar moet ik die laten schieten.
Er is namelijk een abces geconstateerd op mijn bovenkaak en daarvoor moet ik begin juni een ingreep ondergaan. Ik krijg dan een immediaatprothese aan de bovenkant. Tijdelijk natuurlijk, maar toch. En ik geef eerlijk toe: ik vind het moeilijk. Heel moeilijk zelfs. De afspraak stond eigenlijk al eerder gepland. Maar ja… dan krijg je koude voeten. Dan schuif je het nog een weekje door. Dan denk je: ach, ik heb er eigenlijk niet zoveel last van. Tot je weet: het moet gewoon gebeuren. En dat is confronterend.
Want voetbal is leuk. Fluiten is leuk. Onderdeel zijn van die gekke voetbalwereld is leuk. En dan moet je ineens even pas op de plaats maken. Geen nacompetitie. Geen finales. Geen laatste sprint van het seizoen. Maar goed…er zijn ergere dingen.
En weet je? Voetbal blijft volgend seizoen ook gewoon bestaan.
Misschien een niveautje lager.
Misschien wat minder verre ritten.
Misschien gewoon lekker in en rondom Groot-Amsterdam.
Eerlijk? Dat klinkt eigenlijk helemaal niet zo verkeerd. Er promoveren genoeg clubs richting de tweede klasse. Mooie verenigingen. Mooie mensen. Mooie kantines. En uiteindelijk gaat het daar toch om. Plezier. Want of je nou in de Champions League speelt, op een hobbelig veld in de derde klasse loopt of om één uur ’s nachts naar Nederland – Tunesië zit te kijken: de bal blijft rond. (In de meeste gevallen dan.) En voor nu… Als dit voorlopig mijn laatste column van dit seizoen is, wil ik vooral de mensen bedanken die dit voetbaljaar mooi hebben gemaakt.
De mensen langs de lijn.
In de bestuurskamers.
Op de tribunes.
En vooral de mensen die af en toe even vroegen: “Hoe gaat het nou écht met je?” Degenen die dit lezen, weten zelf wel wie ik bedoel. En wie weet… Misschien worden we straks wel wereldkampioen. Dan schrijf ik gewoon weer een nieuwe column.
Met slaaptekort. Vanuit Café De Zwaan. Om één uur ’s nachts.
Robin Punt schrijft regelmatig een column voor Het Amsterdamsche Voetbal. Punt fluit al ruim 20 jaar wedstrijden in het amateurvoetbal. Voor het tweede seizoen een landelijk veelgelezen Column op het Amsterdamsche Voetbal: ‘door de ogen van de scheids’, wat hij meemaakt, voor, tijdens of na wedstrijden of gewoon zomaar wat hem bezighoudt. Punt is naast scheidsrechter ook begeleider/ coach ontwikkeltraject-scheidsrechter én Vriend van het Amsterdamsche Voetbal met zijn bedrijf Intertime Klokken.
Reageren? Dat kan! E: info@hetamsterdamschevoetbal.nl
Het Amsterdamsche Voetbal Doelgericht