Home / slideshow / SDZ honderd jaar: In gesprek met vertrekkend trainer Kai Meeuwsse
Kai Meeuwsse

SDZ honderd jaar: In gesprek met vertrekkend trainer Kai Meeuwsse

Amsterdamse Voetbalvereniging Samenspel Doet Zegevieren, oftewel AVV SDZ, viert op vrijdag 1 mei midden in de coronacrisis zijn honderdjarig bestaan. Samen met een aantal prominente leden binnen de club analyseren wij het rijke clubverleden en de toekomst van de voetbalvereniging. Dit is deel 4: een gesprek met Kai Meeuwsse, de succesvolle en vertrekkende trainer van de zondagselectie.

Promoties

Kai Meeuwsse wist in drie jaar hoofdtrainerschap bij SDZ tweemaal te promoveren. Ook dit seizoen stond de club goed ervoor, maar het coronavirus gooide roet in het eten. “De doelstelling was eigenlijk om binnen drie jaar de eerste klasse te halen. Dat dit binnen twee jaar lukte, was natuurlijk fantastisch”, vertelt Meeuwsse trots. “Daar hebben we ook alles aan gedaan, mede succesvol vanwege het ‘zeventig procent plan’ dat we opstelden. Als je in jaar één begint, dan moet in jaar drie zeventig procent van de spelers nog aanwezig zijn. Het elftal van dit jaar bevat dan ook vijftien tot zestien spelers waarmee ik in jaar één eveneens kampioen werd.”

De oefenmeester besloot na dit seizoen te vertrekken. “Als trainer pak je een prijs, zet je ‘m in de kast, poets je ‘m op en that’s it. Bij SDZ is de kracht van de successen écht de groep geweest. Dat was één van de redenen dat het goed was dat ik de stap zou maken. Naarmate het team hogerop gaat, wordt de kans groter dat de groep uit elkaar valt. Sommige jongens kunnen namelijk simpelweg het niveau niet aan. Met de band die ik in alle jaren met de jongens heb opgebouwd, maakt het voor mij lastig om te beslissen. De nieuwe trainer (Thijs Sluijter, red.) staat met minder emoties in zo’n beslissing.”

Jeugdopleiding

Meeuwsse kijkt met een trots gevoel naar de afgelopen jaren, waarin onder meer de jeugdopleiding is gegroeid. “Toen de club mij aanstelde, hebben we een plan gemaakt op welke manier we de club konden verbeteren. Daarbij hebben we niet per definitie van bovenaf gekeken, maar juist van onderaf. We willen de onderste jeugd als het ware doorduwen naar boven. Uiteindelijk moet binnen zes jaar de jeugd goed genoeg zijn om aan te sluiten bij het eerste elftal. Dat gaat steeds beter.”

“Het eerste elftal is je paradepaardje, maar binnen je club speelt er meer dan uitsluitend het vlaggenschip”, gaat hij verder. “Je wilt de jeugd namelijk ook op een dusdanig niveau brengen. Persoonlijk vind ik het echter jammer dat SDZ de laatste jaren regelmatig spelers naar BVO’s ziet verdwijnen. Het is vanzelfsprekend enorm leuk voor de kinderen, maar voor SDZ is dat lastig. Je wilt het eerste elftal simpelweg binnen een paar jaar een eigen gezicht geven.”

Groeimogelijkheden

De club is kortweg behoorlijk gegroeid, zeker als je bedenkt dat SDZ volgens Meeuwsse drie jaar geleden een grote club was die in een verkeerd jasje was gestoken. “Nu is het nog altijd een schitterende vereniging, maar het jasje eromheen is veel mooier geworden. Waar bij het hoofdveld eerst één bord hing, hangen nu honderden borden. Bovendien staan ze in de rij om een bord op te hangen. De afgelopen jaren is dan ook een hoop gebeurd ten goede van de club en niet ten koste van de sfeer. Dat is natuurlijk een prachtig resultaat.”

De oefenmeester verwacht dat dit slechts het begin is van snelle ontwikkelingen. “Je ziet een woningverschuiving van Amsterdam-Oost naar Amsterdam-West. De jonge tweeverdieners zijn steeds meer in west gaan wonen en die functie heeft het dan ook gekregen. Met alles wat gaat gebeuren rondom het havengebied komen binnen tien tot twaalf jaar tussen de 70.000 en 80.000 woningen bij. Dan weten we met z’n allen dat SDZ de grootste club van Amsterdam gaat worden”, aldus Meeuwsse.

Tekst: Jordi Smit
Foto: Jos Spitteler

SDZ honderd jaar: In gesprek met erevoorzitter tante Bep

Send this to a friend