Oud-profvoetballer Ruben Ligeon en voetbalmoeder Farah Leakat hebben op het eerste gezicht een heel verschillende achtergrond. De één kent de voetbalwereld van binnenuit, de ander rolde via haar voetballende zoon en vrijwilligerswerk het verenigingsleven binnen. Toch hebben ze inmiddels dezelfde ambitie: Real Sranang sterker maken en bouwen aan een toekomst waarin iedereen zich thuis voelt. Via het Amsterdamse bestuurdersprogramma Bigshots ontdekken ze wat er allemaal komt kijken bij het leiden van een amateurvereniging. Het Amsterdamsche Voetbal sprak uitgebreid met beide deelnemers over hun motivatie, de uitdagingen in de bestuurskamer en hun plannen voor de Amsterdamse vereniging.
Een nieuwe generatie moet het gaan doen
Een voetbalvereniging besturen is tegenwoordig bepaald geen eenvoudige opgave. Waar de aandacht op zaterdag en zondag vooral uitgaat naar doelpunten, uitslagen en prestaties, speelt zich achter de schermen een minstens zo belangrijke wedstrijd af. Een wedstrijd om voldoende vrijwilligers, gezonde financiën, goede accommodaties, betrokken ouders en een veilige omgeving voor kinderen. Veel Amsterdamse amateurverenigingen worden al jarenlang gedragen door dezelfde bestuurders. Mensen met een groot clubhart, een indrukwekkende staat van dienst en vooral veel doorzettingsvermogen. Maar wie neemt straks hun plaats in? En hoe zorg je ervoor dat de volgende generatie niet alleen bereid is verantwoordelijkheid te nemen, maar daar ook goed op wordt voorbereid?
Met die vragen als uitgangspunt hebben de gemeente Amsterdam, de KNVB en AFC Ajax binnen de Amsterdamse Voetbal Agenda het bestuurdersprogramma Bigshots ontwikkeld. Het initiatief moet jonge Amsterdammers enthousiast maken voor het verenigingsbestuur en tegelijkertijd de bestuurlijke toekomst van de amateurclubs versterken. Dat is geen overbodige luxe. Volgens de cijfers die Bigshots zelf presenteerde, is 86 procent van de Amsterdamse voetbalbestuurders man en is 94 procent ouder dan dertig jaar. De initiatiefnemers willen meer diversiteit in leeftijd, achtergrond en perspectief aan de bestuurstafel brengen.
In juni 2026 ging de eerste lichting van twaalf deelnemers van start op de KNVB Campus in Zeist. Daar maakten zij tijdens een tweedaagse bijeenkomst kennis met de wereld van sportbestuur. Onder anderen voormalig Ajax-voetballer Siem de Jong sprak met de deelnemers over leiderschap, samenwerken en de verantwoordelijkheid die bij besturen hoort. Het traject duurt twee jaar. Deelnemers draaien daadwerkelijk mee bij een Amsterdamse voetbalvereniging, krijgen bestuurlijke verantwoordelijkheden en volgen opleidingen, workshops en leiderschapstrainingen. Ook worden ze begeleid door ervaren bestuurders en persoonlijke mentoren. Het uitgangspunt is helder: besturen leer je niet uitsluitend uit een boek, maar vooral door het daadwerkelijk te doen.

Twee verschillende routes naar dezelfde bestuurskamer
Bij Real Sranang in Amsterdam-Oost krijgt dat uitgangspunt inmiddels een gezicht. Of eigenlijk twee gezichten. Ruben Ligeon en Farah Leakat nemen deel aan Bigshots en draaien als aspirant-bestuurders mee binnen de vereniging. Ligeon heeft als voormalig profvoetballer een achtergrond die rechtstreeks uit de voetbalwereld komt. Hij is nog altijd actief als speler van het eerste elftal, jeugdtrainer en middenbouwcoördinator. Daarnaast werkt hij als pedagogisch medewerker bij het ROC van Amsterdam in Noord en is hij betrokken bij de Ajax Foundation.
Leakat bewandelde een heel andere weg. Zij kwam ongeveer twee jaar geleden via vrienden bij Real Sranang terecht, raakte betrokken bij de organisatie van een groot jeugdtoernooi en zag vervolgens ook haar eigen zoon bij de club gaan voetballen. Wat begon als af en toe een handje helpen, groeide uit tot een steeds grotere betrokkenheid bij de vereniging. Juist die verschillende achtergronden maken hun gezamenlijke deelname interessant. Waar Ligeon vooral kijkt naar de ontwikkeling van kinderen, de voetbalorganisatie en de toekomst van de vereniging, richt Leakat zich nadrukkelijk op de positie van ouders, communicatie en praktische ondersteuning. En allebei ontdekken ze dat er achter een voetbalvereniging veel meer schuilgaat dan elf spelers, een trainer en een bal.
Ruben Ligeon: ‘Als ik geen profvoetballer was geworden, had ik iets met jongeren willen doen’
Voor Ligeon is zijn stap richting de bestuurskamer geen afscheid van het voetbalveld, maar eerder een uitbreiding van zijn betrokkenheid. „Ik wil eigenlijk ook de andere kant van de voetbalwereld zien. Hoe gaat het achter de schermen? Wat speelt zich daar allemaal af? En ik wil de jeugd helpen. Daarom lijkt het mij interessant om ook richting het bestuur te gaan.”
Zijn maatschappelijke betrokkenheid beperkt zich niet tot Real Sranang. „Op dit moment ben ik pedagogisch medewerker op het ROC van Amsterdam in Noord. Daar ondersteunen we studenten die het moeilijk hebben of een bruggetje nodig hebben. Daarnaast ben ik ook Ajax Foundation-coach. Dus eigenlijk geven wij maatschappelijk iets terug aan de scholen in Amsterdam.”
Die verschillende werkzaamheden hebben voor Ligeon een duidelijke samenhang. „Als ik geen profvoetballer zou zijn geworden, had ik iets met jongeren willen doen. Jongeren helpen en ondersteunen. Mijn passie ligt bij voetbal. Ik ben jeugdtrainer en toen er vanuit de club een mogelijkheid kwam om richting het bestuur te gaan, dacht ik: dit wil ik doen. Ik wil gaan bouwen en mij daar volledig voor inzetten.”
De combinatie van voetbal, onderwijs en verenigingsbestuur voelt voor hem dan ook als een logische ontwikkeling. „Mijn cirkel is bijna rond.” Wat er nog ontbreekt? „Als ik klaar ben met de opleiding en echt iets kan betekenen voor de club, of misschien ooit voor een andere club, dan is die cirkel rond.”
Van resultaten naar verantwoordelijkheid
De overstap van het veld naar de bestuurskamer vraagt wel om een andere manier van denken. Als voetballer ben je gewend om prestaties af te meten aan doelpunten, overwinningen en de ranglijst. Een bestuurder moet verder kijken.
Ligeon: „In het begin is dat best lastig geweest. Je komt als voetballer binnen en als voetballer sta je er natuurlijk heel anders in. Je bent vooral bezig met resultaten. Nu probeer je veel meer mee te denken over alles wat nodig is om een vereniging goed te laten functioneren.”
Ook vergaderen is niet direct zijn favoriete bezigheid. „Nee, eerlijk gezegd niet. Maar ik kom er wel steeds beter in. Sommige dingen zijn gewoon superbelangrijk, ook voor de jeugd.” Bij Real Sranang treft hij een ervaren bestuur dat al jarenlang de vereniging draagt. Die ervaring beschouwt hij als een voordeel. „We kunnen ontzettend veel van die mensen leren. Zij zitten al heel lang in het vak en weten alle ins en outs. Voor ons is het allemaal nieuw. Maar tegelijkertijd hebben wij ook weer een ander inzicht in besturen en in wat er tegenwoordig in de voetbalwereld gebeurt.” Dat samenspel tussen ervaring en nieuwe ideeën is precies waar Bigshots op mikt.
Farah Leahkat: ‘Ik had helemaal niets met voetbal’
Bij Farah Leakat begon de kennismaking met het verenigingsleven een stuk minder vanzelfsprekend. „Twee jaar geleden ben ik bij Real Sranang binnengekomen via vrienden die daar trainer zijn. Ik ben toen gaan ondersteunen, voornamelijk bij de organisatie van een groot jeugdtoernooi dat ieder jaar terugkomt. Daar komen clubs vanuit heel Nederland op af.”
Vervolgens ging ook haar zoon bij Real Sranang voetballen. En zoals dat bij amateurverenigingen vaker gaat, bleef het niet bij het aanmoedigen langs de lijn. „Het is een leuke club, met veel gezelligheid, maar er moet ook nog wel het nodige veranderen. Als vrijwilliger en ouder ben ik steeds meer gaan helpen. Ik draaide bardiensten en ben vanuit daar ook de bestellingen en de inkoop voor de bar gaan verzorgen. Vervolgens werd ik steeds vaker gevraagd om ergens bij te ondersteunen. Op een gegeven moment was ik eigenlijk het bestuur al aan het helpen.”
Opvallend genoeg had Leakat nooit eerder overwogen om bestuurder te worden. „Nee, daarvoor had ik totaal geen ambitie in die richting. Ik had eigenlijk helemaal niets met voetbal. Mijn zoontje voetbalt natuurlijk, maar verder had ik er niet zoveel mee.” Dat veranderde toen zij ontdekte hoeveel er achter de schermen geregeld moet worden. „Tijdens het programma ontdek je dat het helemaal niet alleen om voetbal gaat. Het gaat veel meer over hoe je een organisatie draaiende houdt. Hoe zorg je dat de organisatie blijft bestaan? Waar loop je allemaal tegenaan? Het voetbal zelf is eigenlijk maar een klein onderdeel van zo’n vereniging. Daarachter gebeurt veel meer.” Haar betrokkenheid bij Real Sranang heeft bovendien een persoonlijke betekenis. „Het is een Surinaamse club en ik kom zelf ook uit Suriname. We willen de vereniging echt meer op de kaart zetten.”

‘Ouders weten vaak niet waar ze recht op hebben’
Eén van de onderwerpen waarmee Leakat zich binnen Real Sranang bezighoudt, is de ondersteuning van ouders bij contributiebetalingen en gemeentelijke regelingen. Ze merkte dat ouders haar regelmatig benaderden met vragen over de Stadspas, het Jeugdfonds Sport & Cultuur en andere tegemoetkomingen. „Ik kreeg vaak vragen van ouders. Hoe zit het met het aanvragen van het Jeugdfonds Sport? Hoe werkt het met de Stadspas? Toen dacht ik: als ik dit als ouder eigenlijk al doe, zou het mooi zijn wanneer ik daarin nog een stap verder kan gaan.”
Volgens Leakat ontbreekt het binnen verenigingen nogal eens aan duidelijke voorlichting. „Ik merk dat de informatie over de tegemoetkomingen die er in Amsterdam zijn, bij ouders vaak ontbreekt. Ouders weten mij inmiddels wel te vinden en worden ook gemakkelijk naar mij doorverwezen. Maar eigenlijk zou die informatie voor iedereen beschikbaar moeten zijn.” Daarom wil ze structureel bijeenkomsten voor ouders organiseren. „Wat ik anders zou aanpakken, is de communicatie. Die kan bij ons beter. Ik zou ook veel meer voorlichtingsavonden willen organiseren voor onze leden. We zitten in Amsterdam en ik denk dat bij ons een groot deel van de leden gebruikmaakt van het Jeugdfonds of de Stadspas.”
Het gaat volgens haar niet uitsluitend om de contributie. „Je betaalt contributie, maar daarna moet er bijvoorbeeld ook kleding worden aangeschaft. Kun je daar een tegemoetkoming voor krijgen? Sommige ouders denken dat ze die vraag gewoon bij de club kunnen neerleggen en dat de club alle informatie heeft. Maar dat is niet altijd zo.”
Leakat ziet een eenvoudige verbetering. „Als er nieuwe leden komen, of als er al leden zijn, zou je eens in de zoveel tijd een bijeenkomst kunnen organiseren. Dan leg je uit: dit kun je aanvragen, hiervoor kom je in aanmerking en dit zijn de mogelijkheden. Dan hoeven ouders niet iedere keer naar een bestuurslid of de voorzitter te lopen met vragen waarop misschien ook niet direct een antwoord komt.” Het is een praktisch voorbeeld van hoe nieuwe bestuurders vanuit hun eigen ervaringen verbeteringen kunnen aandragen.
De praktijk blijkt minder eenvoudig dan gedacht
Wie denkt dat de administratie rondom gemeentelijke vergoedingen tegenwoordig volledig geautomatiseerd verloopt, komt volgens Leakat bedrogen uit. „Ik dacht eigenlijk dat het allemaal geautomatiseerd zou zijn. Maar dat is dus niet zo.” Ze legt uit dat verschillende handelingen nodig zijn om betalingen en vergoedingen correct te verwerken. „Bij de Stadspas moet je bepaalde stappen doorlopen en daarna moet het ook nog in onze contributieadministratie worden verwerkt. Wij werken met NIKKI. Daar moet je ook aangeven dat een lid zijn contributie via de Stadspas of het Jeugdfonds heeft betaald. Die gegevens moeten dus nog handmatig worden ingevoerd.” Dat soort werkzaamheden behoort inmiddels tot haar verantwoordelijkheden.
„Ik krijg echt taken en verantwoordelijkheid. Ook het verwerken van de Stadspasvergoedingen en het Jeugdfonds ligt voor een deel in mijn handen. Die informatie zet ik vervolgens door naar de mensen binnen het bestuur die de verdere administratie verzorgen.” Daarnaast wordt ze bij andere praktische zaken betrokken, waaronder de organisatie van trainingskleding voor het eerste elftal. Het zijn misschien niet de onderwerpen waarmee een bestuurder op de voorpagina van de krant belandt, maar voor het functioneren van een vereniging zijn ze onmisbaar.
Ligeon onderzoekt hoe Real Sranang verder kan groeien
Waar Leahkat zich onder meer richt op de toegankelijkheid voor ouders, houdt Ligeon zich bezig met de ontwikkelingsmogelijkheden van de vereniging. Hij is daarvoor gekoppeld aan een ervaren bestuurder. „De eerste drie maanden loop ik met mevrouw Panka (Lilian Panka, Vice Voorzitter, red.) mee. Zij heeft mij een casus meegegeven. We willen kijken hoe we als vereniging kunnen groeien en wat daarvoor mogelijk is. Daar mag ik onderzoek naar doen. Na drie maanden ga ik weer met een andere bestuurder meelopen.”
Die opzet bevalt hem uitstekend. „Ik vind het super. Ik heb geen klagen hoor. Sterker nog, ik vraag naar meer.” Het geeft hem de gelegenheid om verschillende onderdelen van het verenigingsbestuur te leren kennen voordat hij zich op een specifiek terrein richt. Een van zijn ambities is om Real Sranang toegankelijk te maken voor kinderen van verschillende niveaus. „Voor mij persoonlijk is het belangrijk dat iedereen echt een plek krijgt om te sporten. Elk niveau moet eigenlijk welkom zijn. Real Sranang is een warme club. Iedereen is welkom. Waarom zou dat dan niet ook op het voetbalveld zo moeten zijn?”
Maar groeien betekent ook dat er voldoende ruimte moet zijn. „We zijn nu vooral aan het onderzoeken wat mogelijk is. We zitten hier met heel veel clubs om ons heen en er zijn weinig velden. Dus je moet ook met andere verenigingen in gesprek en kijken wat mogelijk is. En natuurlijk met de gemeente. Ik denk dat je daar samen uit moet kunnen komen.” Real Sranang maakt gebruik van gedeelde sportfaciliteiten en heeft daardoor niet onbeperkt ruimte om uit te breiden. „Je hoopt natuurlijk dat je alles in de buurt kunt organiseren. Als dat niet mogelijk is, moet je verder kijken.” Zijn werkzaamheden als middenbouwcoördinator en jeugdtrainer sluiten daarop aan. „De puzzelstukjes komen langzaam maar zeker bij elkaar.”

‘Je moet kinderen ook gewoon kind laten zijn’
Wie Ligeon hoort praten over de jeugd, merkt dat zijn maatschappelijke werk en zijn voetbalachtergrond voortdurend samenkomen. Hij wil niet alleen dat Real Sranang sportief vooruitgaat, maar vooral dat kinderen zich veilig en prettig voelen. „We zijn met onze jeugd echt hard op weg. De onderbouw staat goed. Er zijn kinderen die uitnodigingen krijgen om bij profclubs stage te lopen. Natuurlijk is dat mooi. Tegelijkertijd willen wij een goede lijn creëren tussen alle jeugdelftallen en uiteindelijk richting het eerste elftal.”
Dat betekent niet dat ieder talent koste wat kost voor Real Sranang behouden moet blijven. „Iedereen heeft zijn eigen droom. Misschien wil iemand op een hoger niveau spelen of bij een andere club kijken. Dat moet je zeker openhouden. En als het ergens anders niet lukt, hoop je dat wij zo’n goede indruk hebben achtergelaten dat iemand denkt: bij Real Sranang ben ik altijd welkom.”
Zelf kwam Ligeon oorspronkelijk uit Amsterdam-Noord, waar hij ooit bij OSV voetbalde voordat hij verdere stappen zette. „Maar hier ben ik wel thuis.” Wat hem vooral aanspreekt, is de manier waarop mensen binnen de vereniging met elkaar omgaan. „Toen ik hier voor het eerst kwam, moest ik natuurlijk wennen aan een nieuwe club. Maar dat ging heel snel. De kinderen zijn heel respectvol. Natuurlijk halen ze af en toe kattenkwaad uit, maar dat hoort erbij. Daarvoor zijn het kinderen.”
Volgens Ligeon wordt die cultuur bewust uitgedragen. „Dat is denk ik waar wij als club voor staan. We spreken met kinderen over respect en over hoe je met elkaar omgaat. En als trainers moeten we dat natuurlijk ook zelf laten zien.” Hij noemt de onderlinge betrokkenheid één van de sterke punten. „Ik denk dat het ook een beetje met de opvoeding te maken heeft die we hebben meegekregen. We letten op elkaar. Als iemand hulp nodig heeft, zorgen we dat diegene ergens rustig kan zitten, wat kan eten of drinken en zijn verhaal kan vertellen. Dat pedagogische gedeelte is enorm belangrijk.”
Daar ligt voor hem een belangrijke opdracht als toekomstig bestuurder. „Kinderen moeten weten dat ze hier alles kunnen vragen. Niet alles kunnen doen, maar wel alles kunnen vragen. En dan krijgen ze ook antwoord.” Zijn uiteindelijke doel is duidelijk. „Dat het echt een open club blijft. Dat alles kan, natuurlijk binnen bepaalde grenzen. Maar vooral dat we kinderen hier ook gewoon kind laten zijn. Het niveau waarop ze voetballen, dat komt er dan bij.”
Leiderschap begint met luisteren
Tijdens de eerste bijeenkomst van Bigshots in Zeist kregen de deelnemers onder anderen van Siem de Jong inzicht in leiderschap en het maken van keuzes. Voor Ligeon bleef vooral één les hangen. „Je moet voor jezelf afbakenen wat je wel en niet wilt. In de eerste fase moet je vooral veel leren en luisteren. Kijken wat bij je past. Dat is belangrijk, want anders neem je alles aan en zit je op een gegeven moment met je hoofd onder water.”
Met zijn werkzaamheden in het onderwijs, zijn activiteiten bij de Ajax Foundation en zijn verschillende rollen bij Real Sranang is dat geen denkbeeldig gevaar. „Dat je uiteindelijk zeven dagen per week tot elf uur ’s avonds bezig bent, is natuurlijk niet de bedoeling. Maar dat kan zomaar gebeuren.” Ook Leakat heeft tijdens het programma nagedacht over haar manier van leidinggeven. „Meedenken, rustig blijven, oplossingsgericht werken en niet te snel in de stress schieten.”
Het lastigste onderdeel van besturen verwacht zij vooral in het contact met ontevreden leden en ouders. „Ik denk dat het moeilijk wordt wanneer ouders of leden tegen problemen aanlopen waarvoor we niet eenvoudig een oplossing kunnen vinden. Of wanneer mensen het gevoel hebben dat ze niet worden gehoord.” Juist daarom wil ze de communicatie verbeteren en ouders eerder betrekken bij wat er binnen de vereniging gebeurt.
Geen figuranten, maar echte verantwoordelijkheid
Een belangrijk uitgangspunt van Bigshots is dat de deelnemers niet twee jaar lang vanaf de zijlijn mogen toekijken. Ze moeten daadwerkelijk onderdeel worden van het bestuur. Bij Real Sranang lijkt dat volgens beide deelnemers goed te werken. Leakat: „We krijgen echt vrijheid en verantwoordelijkheid. Het bestaande bestuur laat ons veel doen. Dat maakt voor mij het traject nu al waardevol.” Ze merkt bovendien dat de ervaren bestuurders openstaan voor de ideeën van de nieuwe generatie. „Ze reageren daar heel positief op. Het is niet zo dat ze zeggen: wij zijn hier jaren geleden begonnen, we hebben het altijd zo gedaan en we blijven het zo doen. Nee, ze staan echt open voor onze ideeën en initiatieven.”
Ook Ligeon waardeert de begeleiding. „Ik vind het alleen maar goed dat dit programma er is en dat het nu ook meer bekendheid krijgt. Het moet naar buiten komen dat deze mogelijkheden bestaan. Voor onze generatie zou het echt een pluspunt moeten zijn om hierin te stappen.” Tijdens de bijeenkomsten leren de deelnemers bovendien van elkaar. „Je bespreekt hoe het gaat, of je al aan het besturen bent en welke casus je hebt gekregen. Die werk je verder uit en neem je mee naar de volgende bijeenkomst. Dan vertelt iedereen hoe hij of zij ervoor staat en krijg je tips van de andere deelnemers en van de mensen van Bigshots.” Dat zorgt ervoor dat problemen niet uitsluitend binnen de eigen vereniging worden besproken, maar dat ook ervaringen tussen verschillende clubs worden uitgewisseld.

‘Mijn teamgenoten noemen me nu meneer de bestuurder’
Dat Ligeon inmiddels een andere rol binnen Real Sranang vervult, is ook zijn medespelers niet ontgaan. En zoals dat in een voetbalkleedkamer gaat, blijft zoiets natuurlijk niet zonder commentaar met een vleugje humor. „Mijn teamgenoten noemen me tegenwoordig niet altijd meer bij mijn voornaam, maar zeggen: meneer de bestuurder! Hoe zit het nou? Wanneer krijgen we onze kleding en andere dingetjes? We hebben een paar vragen, bij wie moeten we zijn?” Hij kan er wel om lachen. „Dan wijzen ze naar mij en zeggen ze tegen elkaar: we moeten bij meneer de bestuurder zijn. Dat is natuurlijk grappig. Maar ik denk dat ze ook begrijpen en voelen dat het nodig is dat onze generatie opstaat.”
Ligeon probeert zijn enthousiasme inmiddels over te brengen op andere leden en teamgenoten. „We zijn mensen een beetje aan het prikkelen. Zou je iets voor de club willen doen? Kom eens wat vaker langs. Kijk wat je kunt betekenen. Heb je misschien een neefje of nichtje dat wil voetballen? Alles is welkom.”
Daarmee raakt hij aan een van de belangrijkste uitdagingen van het amateurvoetbal. Een vereniging kan nog zulke goede plannen hebben, uiteindelijk zijn het de mensen die ervoor zorgen dat de club blijft draaien. „Natuurlijk zijn vrijwilligers en leden ontzettend belangrijk. Zij houden ons eigenlijk boven water. Maar daarnaast heb je een goed netwerk nodig, goede communicatie en moet je naar buiten uitdragen wie je bent en waar je als vereniging voor staat.”
Zelf ziet hij vooral een verbindende rol richting de jeugd. „Ik wil niet zeggen dat ik tussen alle partijen de verbinder moet zijn, maar wel tussen de jeugd en wat wij als vereniging met de jeugd willen doen. Het moet voor iedereen laagdrempelig zijn om in te stappen. De druk is voor kinderen tegenwoordig al hoog genoeg.”
Farah kijkt inmiddels verder dan haar eigen vrijwilligerswerk
Ook Leakat ziet mogelijkheden om andere ouders meer bij de vereniging te betrekken. „Ik zou vooral vanuit mijn rol als ouder willen laten zien dat je een steentje kunt bijdragen. Je krijgt er zelf ook meer kennis en inzicht door. En uiteindelijk heeft de club ons als leden en vrijwilligers nodig om alles draaiende te houden.” Haar ambities zijn gedurende het traject duidelijk gegroeid. Waar ze twee jaar geleden nog nauwelijks iets met voetbal had, ziet ze inmiddels een toekomst voor zichzelf in het verenigingsbestuur. Op de vraag of ze zichzelf over vijf jaar als voorzitter, secretaris, penningmeester of in een andere bestuursfunctie ziet, hoeft ze niet lang na te denken.
„Zeker weten, ja.”
Voor haar is het succes van Bigshots overigens niet uitsluitend afhankelijk van een toekomstige functietitel. „De ervaring die ik nu bij Real Sranang opdoe, vind ik al heel waardevol. We worden behoorlijk vrijgelaten en krijgen verantwoordelijkheid van bestuursleden die er al jarenlang zitten. Als dat zo doorgaat, is het traject voor mij eigenlijk nu al geslaagd.”
De toekomst van Real Sranang begint vandaag
Bij Real Sranang komen met Ruben Ligeon en Farah Leakat twee verschillende werelden samen. De oud-profvoetballer die vanuit zijn ervaring op het veld en zijn werk met jongeren wil bouwen aan een sterke jeugdopleiding en een toegankelijke vereniging. En de voetbalmoeder die vanuit de kantine, de organisatie van evenementen en het contact met ouders ontdekte hoe belangrijk een goed functionerend bestuur is.
Hun ambities zijn niet spectaculair in de betekenis van kampioenschappen of een nieuwe tribune. Ze gaan over zaken die voor een amateurvereniging misschien nog wel belangrijker zijn: kinderen die kunnen blijven sporten, ouders die weten waar ze terechtkunnen, voldoende vrijwilligers, betere communicatie en een vereniging waarin mensen verantwoordelijkheid voor elkaar nemen. Dat is ook de gedachte achter Bigshots. Niet wachten tot ervaren bestuurders stoppen en er plotseling een vacature ontstaat, maar nu al mensen opleiden die het stokje straks kunnen overnemen. Ligeon heeft zijn eigen toekomstbeeld inmiddels helder. „Ik wil dat iedereen een plek krijgt om te sporten. Dat Real Sranang een open club blijft waar kinderen zich thuis voelen en waar we naar elkaar omkijken.” En Leakat? Die wil vooral dat ouders zich gehoord en geholpen voelen. „We moeten ouders meer tegemoetkomen met informatie. Niet wachten totdat ze zelf met vragen komen, maar ervoor zorgen dat ze weten welke mogelijkheden er zijn.”
Reageren? E: info@hetamsterdamschevoetbal.nl
Raak je geïnspireerd door deze verhalen en wil je jezelf ontwikkelen als jeugdtrainer-coach of bestuurder? Kijk dan eens op de Voetbalagenda van de Gemeente Amsterdam. De eerste editie van Bigshots is in juni 2026 gestart en moet uitgroeien tot een jaarlijks terugkerend traject voor jong bestuurlijk talent binnen het Amsterdamse amateurvoetbal. Als je geïnteresseerd bent in het programma en op de hoogte gehouden wil worden van de nieuwste ontwikkelingen dan kan je mailen naar: bigshots@amsterdam.nl. Bigshots zal jaarlijks terugkeren en is altijd op zoek naar de bestuurders van de toekomst!’
Foto’s: Copyright Gemeente Amsterdam
Tekst: Harold van Ineveld
Het Amsterdamsche Voetbal Doelgericht